Eerdse KRANT

Het nieuwsblad voor Eerde

Heeft u nieuws, een leuk verhaal of een onderwerp? Tip de redactie via: redactie@eerdsekrant.nl of 06 - 52280047 


Hier vindt u een aantal (opvallende) artikelen die in 2011 in de Eerdse Krant hebben gestaan.


EERDSE KRANT - 13 januari 2011

 

De 100.000ste!

 

Deze week valt ie ergens binnen: de 100.000ste Eerdse Krant!


Vanaf 1 maart 2007 wordt deze krant elke week (behalve in juli en augustus en tussen Kerstmis en Nieuwjaar) bezorgd. Deze week is uitgave nummer 168. Bezorger Jan Wolf (foto) is dus ook toe aan zijn ‘168ste rondje’. Al is dat niet helemaal waar, want een paar keer heeft hij de krant, door lichamelijke ongemakken, niet kunnen bezorgen. De vorige en vooral deze winter zijn andere, laten we zeggen hulpbezorgers, bijgesprongen.


Ook uw redacteur is een paar keer op de fiets (of in de auto, zoals bij de laatste uitgave net voor de kerst) gesprongen, om de krant te bezorgen. Wat hem al meteen opviel was de grote variatie in brievenbussen. Je hebt ze werkelijk in alle soorten en maten. Eerst daarin een kleine opsomming. Je hebt ze met een klep bovenop, of met de klep aan de zijkant. Die laatste kan met een klep naar binnen of met de klep naar buiten. Met de klep naar binnen is makkelijk, die duw je met de krant zo naar binnen toe, behalve bij brievenbussen waar ‘de veer’ te strak staat afgesteld. Bij de klep naar buiten wordt het lastiger. Heb je een groot ‘grijppunt’, dan is het nog te doen, maar bij een klein ‘grijppuntje’ is het lastiger. Je moet daarvoor ook allebei je handen gebruiken, anders lukt het niet. Je hebt verder nog open brievenbussen, die je bij wijze van spreken al fietsend kunt nemen, al dan niet in het huis zelf, en je hebt ze met van die borsteltjes en met een rij ‘tandjes’. Bent u er nog?

 

Tot zover de types, dan de positie van de brievenbus. In het zogenaamde ‘Brievenbussenbesluit’ staat bijvoorbeeld dat ‘Brievenbussen in of aan gebouwen of woningen zijn zodanig aangebracht of geplaatst dat zij te bereiken zijn binnen tien meter van de grens van een weg, waaronder mede worden verstaan de daartoe behorende trottoirs, paden, bermen en taluds’ en ‘Deze brievenbussen zijn van de weg af zonder belemmering bereikbaar’. Deze regels kunnen volstaan als de bezorger te voet is. Maar als je op de fiets bent (is gezond, kostenbesparend en goed voor het milieu), dan wordt het lastig. Vraag dat maar aan een willekeurige bezorger.


Na een paar rondjes d’Eerd kan de redactie een redelijke inschatting maken hoe het ervoor staat. Tijd voor een klein wedstrijdje: welke buurt (we houden dezelfde indeling aan als bij de Kwis van d’Eerd) heeft zijn ‘brievenbusbeleid’ goed voor elkaar, en welke niet, én wie krijgt de ‘Gouden Brievenbus’ en wie de ‘Loden’?

 

De buurtschappen die in de laatste Kwis van d’Eerd nog met de eer gingen strijken, Haakakker/Kapelstraat-Zuid en Antoniusplein/Bergweg/Kerkhoefweg/Schoolhuisweg, delen samen de... laatste plaats. Het juryrapport: ‘Er staan hier en daar wel een paar bussen aan de weg, zoals het eigenlijk hoort, maar in de nieuwbouwwijken kan het nog veel beter.’ De buurtschappen Busstraat/Boomstraat/Bernard van Damstraat/Airbornstraat/Kapelstraat-Noord/ Zandvliet/Dalenstraat en Capelleveld/Esdonkstraat/D'n Binnen/Veerdonkstraat/Valkenbergstraat/Helterenbergstraat zijn op de derde plaats geëindigd. Juryrapport: ‘Ook hier is nog veel te verbeteren. Het is beter dan bij de vorige twee buurtschappen, maar alles bij elkaar toch een onvoldoende.’

 

Op de tweede plaats eindigt buurtschap Hoeves/Horstjens/Eerdsebaan/Veghelsedijk/Heertveldseweg/-Grootdonkweg/Oude Baan/Den Dubbelen. Juryrapport: ‘Hoewel er een paar slechte plekken tussenzitten, krijgt deze buurt toch een voldoende.’


En dan de nummer één. Glansrijk winnaar is de buurt Corridor/Kempkens/Willibrordushoek/Abenhoef/De Kuilen/De Vlagheide/De Coevering. Juryrapport: ‘Heel veel brievenbussen staan aan de weg, al dan niet verplicht. Een terechte winnaar. Gefeliciteerd!’

 

De winnaar van de ‘Gouden Brievenbus’ komt ook uit de winnende buurt. Op de Vlagheide 8 staat-ie. Juryrapport: ‘De brievenbus is goed zichtbaar, misschien al wel vanaf 300 meter. Dat geeft de bezorger de gelegenheid om zijn krant ‘klaar te maken voor de ingooi’. Men kan er prima bijkomen met de fiets en net voor de brievenbus ligt een betonblokje waar je met de linkervoet even op kunt steunen.’ Speciale vermeldingen voor de ‘Gouden Brievenbus’ zijn er voor Veghelsedijk 31 en Hoeves 16. ‘Die zijn al fietsend te nemen, prima’, becommentarieerd de jury.


De ‘Loden Brievenbus’ gaat naar Oude Baan 5, ook in het buitengebied. ‘Om die brievenbus te bereiken met de fiets en weer verder te gaan is heel lastig. Een paar plateautjes moet je zien te overwinnen, dan een brede stoeprand en een (verticale) brievenbus die moeilijk te openen is met een hand’, aldus het juryrapport. Speciale vermeldingen voor de ‘Loden Brievenbus’ zijn er voor Hoeves 11 en De Horstjens 2. In het juryrapport staat ‘dat Jos verstappen niet meer racet, dus die grindbakken kunnen weg.’

 

Tot slot het moraal van dit verhaal. De redactie van deze krant maakt zich hard om alle brievenbus aan de weg te krijgen. Zet daarom uw brievenbus aan de weg, niet figuurlijk, maar létterlijk! Dit scheelt sowieso enorm veel in de bezorgtijd. Nu de vorst uit de grond is, hup de brievenbus aan een paaltje vastmaken en in uw voortuin de grond in! De bezorgers, wie dan ook, zullen u zeer erkentelijk zijn.

 



EERDSE KRANT - 13 januari 2011

 

Prijsvraag: Wie wordt de nieuwe Prins Carnaval 2011?


Morgenavond wordt in De Brink de nieuwe Prins Carnaval bekend gemaakt tijdens de prinsenzitting van CV De Oivers. Dat betekent ook dat aan de regeerperiode van Prins Erwin d’n Urste een einde is gekomen. Tijd om bij ‘unne meter bier’ een blik terug te werpen.


We zitten op het podium van De Brink. Dé plek waar, zeg een jaar geleden, Erwin werd onthuld als de nieuwe Heerser van Eerde. “Ik herinner het me nog als de dag van gister”, zegt hij, ondertussen wat rondlopend en rondkijkend over datzelfde podium. Je ziet de emotie van dat moment nog aan hem af. “Ik had totaal geen last van spanningen en zo, maar de laatste paar minuten voor onze opkomst steeg die toch wel”, glimlacht Erwin. Maar hij heeft wel extra lang moeten wachten voor de onthulling. “Omdat Hilde van Gompel ons liever wat eerder wilde oppikken dan normaal gebruikelijk is, zaten wij, Jos en Antoinette van der Doelen en Elize en ik, al om 21.30 uur in de kelder van De Brink. Maar gelukkig waren we in een goed gezelschap. Mark van de Meerakker en Hilde hebben samen met ons heel wat biertjes genuttigd en ons goed door de ‘laatste uren’ geloosd.”


“Ik wil hierbij nog een keer Mark en Hilde een groot compliment geven”, vervolgt hij, “want hoe zij ermee omgaan en zo, dat is klasse. De hele voorbereiding moest natuurlijk in ’t geniep, maar we hebben heel veel voorpret gehad samen. ”Toen Erwin werd gevraagd hinkte hij op twee gedachtes. “Mijn hart zei meteen ‘ja’, maar mijn verstand zei ‘nee’. Ik was net begonnen bij een nieuwe werkgever, en je weet dat je nogal eens een keer weg bent en veel vrij moet vragen. Ik heb toen met de directeur overlegd, en hij gaf me ‘groen licht’. Elize daarentegen was wel meteen enthousiast. Toen we ‘ja’ hadden gezegd, zijn we meteen de volgende dag al de jurk van Elize gaan kopen!”


Kunnen we stellen dat je voor veel mensen de grote onbekende Prins was? “Er wordt natuurlijk veel gespeculeerd van tevoren, iedereen denkt het ook te weten. Mijn naam zal zeker niet veel gevallen zijn, dat klopt, maar toch heeft Gijs Schepers bijvoorbeeld mij twee keer voor de onthulling aangewezen als de nieuwe Prins. Dat zei hij beide keren na het badmintonnen, welke ik op de maandagavond met een clubje, waaronder ook Gijs, speel hier in De Brink. Maar we, want ook Adjudant Jos zit bij dat clubje, hebben hem toen van gedachten doen veranderen. Dat is dan leuk!


En zo maakte ik op de Nieuwjaarsreceptie nog een praatje met Bart van Erp, gewoon over koetjes en kalfjes. Maar die wist natuurlijk niet dat hij, als aanstaande Vorst, met de nieuwe prins in gesprek was. Haha, ook leuk!”


Dan een minder leuk moment uit zijn regeerperiode. Erwin is naar eigen zeggen de eerste Prins die niet heeft gesprongen tijdens de carnavalsdagen. “Een tweetal weken voor het carnaval raakte ik tijdens een receptie geblesseerd aan mijn enkel. Door die goed in te tapen heb ik die vier dagen redelijk goed kunnen doorkomen. Maar de enkel is een jaar later nog niet helemaal de oude, ik heb er nog steeds last van. Het zal niemand zijn opgevallen, want we hebben het ook stil gehouden.”


Een opmerking tot slot die hij nog kwijt wil: “Eén punt mag naar mijn mening beter, en dat is dat de jeugd wat meer op de voorgrond mag. Kinderen vinden carnaval ontzettend leuk. Als ik ergens binnenkwam, leek het net alsof Sinterklaas binnenkomt, daar heb ik ontzettend van genoten. Zij hebben nu een bijrol.”


Erwin, van huis uit een Limburger, is verder lovend over het carnavalsgebeuren hier in Eerde. “Het voelt alsof je voor de tweede keer trouwt. Het is een grote eer en als ‘Limbo’ voelt het nu dat ik geslaagd ben voor de cursus van integratie. Ik heb er geen moment spijt van gehad”, zegt hij met trots.


Dan is het, aangekomen bij het laatste glas van die meter bier, tijd om vooruit te blikken, naar de dag van morgen. De Eerdse Krant schrijft een prijsvraag uit: Weet jij wie de nieuwe Prins wordt? Die vraag is natuurlijk ook aan Prins Erwin d’n Urste gesteld, en hij tipt... Jan van Berkel. “Ik hoorde dat De Oivers dit jaar naar de receptie in Sint-Oedenrode gaan. Als Prins mag je ook zelf kiezen waar je op receptie wilt, en omdat ze dit jaar naar Papgat willen, trek ik de conclusie dat de nieuwe Prins iets met Rooi te maken moet hebben. Omdat de Van Berkel Groep, het bedrijf waarvan Jan mede-eigenaar is, ook in de gemeente Sint-Oedenrode actief is, tip ik hem.”

 

Denk jij het ook te weten wie de nieuwe Prins wordt? Inzendingen moeten als de wiedeweerga, voor morgen (vrijdag) 20.11 uur, binnen zijn bij de redactie op het email-adres: redactie@eerdsekrant.nl. Doe dit o.v.v. je naam en telefoonnummer. De minimumleeftijd is 16 jaar. Voor diegene met het juiste antwoord staat tijdens de carnavalsdagen een meter bier klaar!

 

Mochten er meerdere goede antwoorden binnenkomen, dan wordt er geloot. Volgende week wordt in de Eerdse Krant de (mogelijke) winna(a)r(es) bekend gemaakt. O ja, als niemand de nieuwe Prins raadt, dan gaat die meter bier, ‘net als vorig jaar’, weer terug in ‘de tap’.

 



EERDSE KRANT - 27 januari 2011


Hekjes en paaltjes


Eerde is weer een stukje ‘veiliger’ geworden afgelopen weken. Enerzijds door een paar hekjes en (‘goedkope’) paaltjes bij basisschool Petrus en Paulus, anderzijds door (‘dure’ en verzinkbare) paaltjes bij het ‘pekveldje’ achter gemeenschapshuis De Brink.


De gevaarlijke situatie bij de ‘kleine poort’ (foto), de ingang van de basisschool aan de Valkenbergstraat, was aanleiding voor school, de ouderraad, de gemeente en de buurt om te kijken of dat hier iets aan gedaan kon worden. Vier keer per dag is het namelijk een wirwar van auto’s en van kleine kinderen die naar school gaan of ervan af komen.


Directeur Raymond Stuart van de basisschool: “We hebben naar verschillende mogelijkheden gekeken, zoals het verleggen van de ingang, verkeersdrempels of een stukje van de Valkenbergstraat een eenrichtingsweg te maken. Onze grootste zorg was dat de kinderen zomaar de weg op kunnen rennen. Om 15:15 uur is het drukste moment van de dag, dan stoppen er veel auto’s voor de deur, taxibussen voor naschoolse opvang staan dan ook hier, en dat geeft gevaarlijke situaties, zoals kinderen die tussen de auto’s door oversteken. We hebben nu een soort trottoir gecreëerd, waar geen auto’s kunnen staan en waar kinderen veilig de poort uit kunnen. Wel valt ons nu op dat er nog te veel ouders recht voor de poort stoppen om hun kinderen in- of uit te laten stappen. Dat moet nog beter. Graag zien we dat ze de auto een stukje verderop stil zetten en de kinderen vervolgens een stukje te laten lopen naar school. Over een paar weken evalueren we met alle betrokkenen.”


Achter De Brink, aan de zijde van de Schoolhuisweg, zorgen de ‘duurste’ paaltjes van Veghel voortaan ervoor dat het daar ook wat veiliger gaat worden. Deze paaltjes haalden een paar jaren geleden nog de voorpagina van de kranten hier in de regio, omdat ze ervoor moesten zorgen dat het centrum van Veghel minder autovriendelijker zou worden. Maar ze zijn daar weer weggehaald omdat er veel weerstand was tegen deze maatregel. Nu zijn er zes paaltjes van stal gehaald om ervoor te zorgen dat er geen motorvoertuigen op het veldje kunnen komen. De plek achter De Brink is een favoriete hangplek voor jongeren, en in combinatie met auto’s gaf dat onveilige situaties.


Ook de buurt had daar last van en zij hebben in overleg met de dorpsraad voor deze oplossing gekozen. Nu, ruim een week later, functioneert het nog niet zoals het zou moeten, aldus Gerry van Houtum, een van de buurtbewoners. “De afspraak is dat de gemeente de sleutel heeft van de paaltjes. Zij moeten ervoor zorgen dat ze naar beneden zijn mocht dat nodig zijn, maar ook dat ze weer omhoog staan. Zoals je nu kunt zien zijn er een paar paaltjes naar beneden, maar ik zou niet weten waarom. Maar van hangjeugd heb je op dit moment toch geen last, want het is te koud.” Verder is ook te zien dat het grasveldje achter de paaltjes veranderd is in een modderpool. “Ze hebben hier gras ingezaaid, maar dat zal nu niet meer goed komen”, denkt Gerry. Verder vindt ze de plaats van het bankje niet ideaal, dat had volgens haar dichter bij De Brink kunnen staan, nu staat het meer in de weg dan dat je er plezier van hebt, bijvoorbeeld met de kermis. “Het idee is goed, maar nog niet 100%”, sluit ze af.




EERDSE KRANT - 24 februari 2011


Debat over verkeersproblematiek in Veghel


‘Grijze muis’ valt wel op!


Zaterdagochtend vond er een verkeersdebat plaats in het Jumbo Auditorium in Veghel.

 

In de aanloop naar de provinciale verkiezingen, op 2 maart, gingen een zevental politici van het CDA, VVD, GroenLinks, D66, PvdA, SP en 50PLUS met elkaar in debat over een drietal aandachtspunten die binnen het Veghelse spelen.


Zo ging het over de N279, over het hoogwaardig openbaar vervoer (HOV) en het goederenvervoer over het water. Het college van Veghel, een aantal ondernemersverenigingen en de politieke partijen tekende voor de organisatie. De drie thema’s werden telkens ingeleid door Peter van der Meij waarna de dagvoorzitter, de oud-wethouder van Veghel Jan Kerkhof, de discussie leidde.


Debatdeelneemster SP-politici Willemieke Arts maakte de opening niet mee, zij schoof pas later aan. Ze maakte letterlijk mee hoe het gesteld is met het openbaar vervoer in deze regio. Nadat ze met de bus supersnel vanuit Eindhoven naar Veghel was gereisd, liet het vervolg binnen het Veghelse zelf te wensen over waardoor ze te laat was.


Dat er een einddatum van 2028 voor de plannen van het openbaar vervoer werden genoemd, terwijl voor het aanleggen van meer asfalt in deze regio dit binnen nu en een paar jaar gerealiseerd kan worden, kon Hagar Roijakkers van GroenLinks niet bekoren. Zij pleitte er voor om dit op een veel kortere termijn te realiseren.

 

Bij het thema ‘N279’ opende Kerkhof met te zeggen dat ‘we hier in Veghel het met woorden mogen zeggen, maar dat met daden eigenlijk het credo is’.


Dat er iets moet gaan gebeuren aan de verkeersproblematiek in en rondom Veghel is een duidelijke zaak voor alle partijen, alleen de manier waarop is een andere.


Sommigen kiezen ervoor om het noordelijke deel van de N279 (Den Bosch-Veghel) eerst aan te pakken en daarna het zuidelijke deel (Veghel-Helmond). Andere partijen wilden liever dit tegelijk doen. Allerlei varianten kwamen ter tafel. De voor- en tegenstanders zullen compromissen moeten sluiten over het noordoostelijke gedeelte van ‘de ruit van Eindhoven’.


Tussen de zeven debaters viel er eentje duidelijk op: Jan-Dirk van Arkel uit Son (foto, derde van links). Hij is lid van de 50PLUSpartij, de patij die voor het eerst deelneemt aan deze verkiezingen. Een partij ook die nog in de ‘wittebroodsweken’ zit, want pas ergens in november is deze opgericht. Van Arkel (op de badge die hij draagt staat het volgende te lezen: potentieel lid Provinciale Staten) staat op de 2e plaats van lijst 9 in dit kiesdistrict, en hij is, al doet de naam van zijn partij dat wel vermoeden, zeker geen grijze muis te noemen.


Hij is een actief baasje, bevlogen ook en hij lijkt op deze zaterdagmorgen ook de enige die echt campagne aan het voeren is. Het begint al met de voorstelronde. Iedereen doet braaf zijn zegje in de microfoon, hij niet! “Dat creëert een afstand”, geeft hij aan, “ik spreek liever de zaal toe zonder de micro!” Slimme tactiek, want je kunt af en toe ongehinderd wat zeggen en de debatleider staat niet ‘in je nek te hijgen’ om de micro af te geven.


Van Arkel was tevreden na afloop, de standpunten van zijn partij waren duidelijk overgekomen. Er zaten toch wel enkel ‘potentiële stemmers’ onder de toehoorders, gezien hun gemiddelde leeftijd, misschien heeft hij er een paar voor zich gewonnen. Hij zelf schat dat zijn partij 3 of 4 zetels gaat halen in de verkiezingen, en landelijk 2 zetels.


We zullen zien, want het is altijd afwachten wat een nieuwe partij gaat doen, het kan twee kanten op. Voor hem natuurlijk maar één... Hij nam nog vlug een broodje en spoedde zich naar Den Bosch, op naar de volgende meeting.

 



EERDSE KRANT - 31 maart 2011


Het Bankje


Op misschien wel het mooiste plekje in de Eerdse bossen staat een (houten) bankje, met uitzicht op een stuk heide, waar in de zomer Drentse heideschapen grazen. Omringd door bossen, fluitende vogels en de gezonde geur van boslucht dé ideale plek om, onder het genot van verse koffie met iets lekkers, een `Eerdenaar´ te interviewen over een (actueel) onderwerp.


De Nederlandse vereniging voor verzamelen, De Verzamelaar, bestaat dit jaar 60 jaar. Zij vieren dit met een grote verzamelbeurs op zondag 3 april in sporthal Rusheuvel in Oss. De afdeling Oost-Brabant organiseert al sinds 1972 ook een verzamelbeurs hier in Eerde. Kartrekker van het eerste uur, Arie van der Hofstad (74), neemt plaats op het bankje.

 

“Verzamelaars zijn eigenlijk een beetje gek. Maar aan de andere kant: als ze er niet waren dan zou er lang niet zoveel bewaard blijven.”


Hier spreekt een man die vanaf jongs af aan ook die ‘spaartik’ in zijn genen heeft. “Het is begonnen met het sparen van kauwgomplaatjes. Ik was 10, 11 jaar oud. Van je zakgeld kocht je dan 10 kauwgums voor 25 cent. Ik bewaarde toen alles wat los en vast zat. In 1960 verhuisde we van Schijndel naar Eerde en kwam ik geregeld Piet Fiers tegen. Piet en ik zaten samen in verschillende organisaties en ook hij bleek van nature een verzamelaar te zijn. Van het een kwam het andere en zo werden we gevraagd om de gemengde beurs van Veghel over te nemen. Onze beurs heeft eerst een paar keer bij Jan Verbruggen in De Ster plaatsgevonden, maar na de opening van De Brink in ’72 zijn we daar naartoe gegaan.”


En de beurs vindt nog steeds in De Brink plaats. Al bijna 40 jaar lang komen op de vierde zondag van de maand verzamelaars uit alle windstreken van Nederland naar Eerde met hun spulletjes.


“We hebben in het begin wel eens op een zondagmorgen extra tafels gehaald bij De Ster, zo druk was het. De Brink had zelf toen nog niet genoeg tafels, vandaar”, herinnert hij zich. “We horen van velen ook dat de beurs hier in Eerde een van de beste beurzen in de regio is. Onze insteek is ook dat het samenzijn met soortgenoten, de sociale contacten onderling, het belangrijkste aspect is. Verzamelen moet je ook zien als een ontspanning.”


Tijd ook voor ontspanning op het bankje. Omdat Arie ‘van de dokter’ geen koffie mag hebben, schenken we de kopjes nog eens vol met thee. Ook lekker! Het voorjaarszonnetje staat recht op de neus, je voelt dat de lente ontwaakt.

 

Arie vertelt weer verder. Door de verhuizing naar Den Binnen heeft hij veel verzamelingen weggedaan. Zo had hij een ‘paar’ blikken trommels op zolder staan. Een echtpaar had hier wel interesse in. “Wat moet het kosten, vroeg de man aan me. Nou, zei ik, als je alles zelf van de zolder afhaalt dan kan je het voor een prikkie meenemen. Dat hebben ze geweten. Ze zijn de hele middag bezig geweest om alle blikken, ik denk wel een duizend stuks, van zolder af te halen. Ze hadden een grote Mercedesbus bij en die zat afgeladen vol. Hahaha! Maar... het doet wel pijn dat je je verzameling moet wegdoen. Ik heb nu allen nog een verzameling spelkaarten en een verzameling van bidprentjes van onze Geert. De rest heb ik weggedaan.”

 

Tussen zijn verzameling spelkaarten zit één stok die hij op een wel heel bijzondere wijze heeft verkregen. “Op een zondagmorgen, al lang geleden, zag ik bij een verzamelaar bijzondere speelkaarten liggen die ik graag wilde hebben. Die man zei, voor de grap, dat als ik een bos bloemen kon regelen voor zijn vrouw voor het einde van de beurs, hij die dan zou ruilen tegen zijn kaarten. Hij dacht natuurlijk dat ik hier op een zondagmorgen toch geen bloemen kon aankomen. Maar daar vergiste hij zich in, want ik liep naar de overkant om bij Mieke van den Tillaart een bosje bloemen te kopen. Dat had ie niet verwacht... Die kaarten heb ik nu nog steeds”, zegt hij met trotse blik.

 

Is verzamelen niet een beetje uit? “Nee”, geeft Arie aan, “het beursbezoek is nog op hetzelfde niveau als 40 jaar geleden. Wat je wel ziet dat er bijna geen jeugd meer is.

 

Ze hebben nu andere bezigheden. Je ziet ze bijvoorbeeld op dit moment wel fanatiek voetbalplaatjes sparen, maar als ze alles hebben dan is het over. De gemiddelde leeftijd van de beursbezoeker is dan ook stijgende.”

 

Hij is het nu wat rustiger aan gaan doen. Na 33 jaar in het bestuur te hebben gezeten is hij op dit moment alleen nog ruilbeurshouder. Hij regelt de financiën en is de contactpersoon tussen het bestuur en De Brink. “We zijn een gezonde vereniging maar kunnen het hoofd maar net boven water houden.” Maar eens een verzamelaar, altijd een verzamelaar. Als Arie bijvoorbeeld op vakantie is dan zal hij altijd, bij wijze van spreken, met één oog rondkijken ofdat er ergens niet iets moois te vinden is.

 



EERDSE KRANT - 14 april 2011

 

‘Een dagje piepen’


De tweede Brabant Zoekdag vond afgelopen zaterdag plaats in Eerde. Deze Zoekdag, georganiseerd door Eerdenaar William Johanns samen met Dominic van Loon trok zo’n 120 belangstellenden. Via de website www.pieppiep.nl hadden de deelnemers zich aangemeld.


De Brabant Zoekdag bestond uit een morgen- en middagprogramma. Tussendoor kon men een hapje eten in De Driesprong. Daar stond ook ‘detectorspecialist’ Dirk Jan Laan met een stand waar men metaaldetectoren kan kopen. Hij was op die morgen al om 04:45 uur vertrokken vanuit Noord-Holland om op tijd hier aanwezig te zijn. Zijn stand trekt vele belangstellenden en hij legt uit wat er allemaal te koop is op dit gebied. Metaaldetectoren heb je in alle soorten en maten. Je hebt er van één voor een paar 100 euro, maar je hebt ze ook van 1500 euro.

 

Dan naar buiten, naar de omgeploegde gronden van de familie Verhagen aan de Grootdonkweg. Daar konden de dames en heren zich uitleven. Het is een mooi gezicht. Bewapend met een metaaldetector zie je ze fanatiek zoeken naar voorwerpen die in de grond zitten. Voetje voor voetje, de metaaldetector van links naar rechts voor zich uit bewegend, wordt de Eerdse bodem minuscuul ‘onderzocht’. Af en toe hoor je een piepje, ten teken dat er ‘iets’ in de grond moet zitten. Dan wordt haltgehouden en wordt met een klein schepje een gaatje gegraven. Vervolgens filtert men het zand door telkens met wat zand in de hand dit over de schotel te bewegen. Vaak is het wat rommel dat gevonden wordt, maar niet altijd. Dé vondst van de dag is toch wel een gouden ring. Deze wordt gevonden door diegene met, niet geheel ontoevallig, de grootste (en duurste) metaaldetector. Je hoort hem ook al van ver. Allerlei piepjes en geluidjes produceert zijn metaaldetector. Het lijkt wel op het geluid van een flipperkast!

 

We komen ook Elvira Wijtenburg uit Benthuizen tegen. Ze is samen met haar vriend ‘een dagje piepen’. “Hij probeert me aan te steken, want hij is fanatiek. Ik ga af en toe een keertje mee, maar ik zie het meer als een dagje ontspanning. Ik heb het dan ook na een paar uur al wel gezien”, zegt de Zuid-Hollandse.

 

In Eerde lopen er ook een paar fanaten rond die je wel eens in de wei ziet met een metaaldetector. William Johanns is er een van, hij ‘piept’ nu zo’n twee jaar. “Elke vondst is uniek voor mij. Wie heeft het gehad en wat voor een verhaal zit erachter. Dat vind ik het leuke aan dit. Je weet niet wat je gaat vinden, dat maakt het ook spannend.”

 

Wat is zijn grootste vondst tot nog toe? “Ik heb een Zilveren Dukaat uit 1775 gevonden hier in Eerde. Waar in Eerde? Dat zeg ik niet, dat is geheim. Want wie weet wat er allemaal nog meer kan liggen op die plek...”




EERDSE KRANT - 28 april 2011


‘Keizer’ Fred van Zutphen blijft op zijn troon


Leerling wint niet van meester


Het was van 1999 geleden dat er bij handboogsportvereniging De Rozenjagers nog eens gestreden werd om de titel ‘Keizer van De Rozenjagers’.


In 2002 had deze strijd ook moeten plaatsvinden, maar omdat de Keizer van dat moment, Henk Vogels, naar een andere vereniging ging werd zijn uitdager Fred van Zutphen automatisch de nieuwe Keizer.


Afgelopen vrijdag diende zich een nieuwe uitdager aan: Xander Holl (rechts). Hij won driemaal op rij de Koningstitel (het clubkampioenschap) en daarmee het recht om de keizer van de vereniging uit te dagen.


Het clubgebouw loopt lekker vol met familie, vrienden, belangstellenden en clubspelers om getuige te zijn van deze tweestrijd. De verwachting is dat Fred het wel eens moeilijk zou gaan krijgen. Er wordt namelijk geschoten met een traditionele boog uit de recurve-klasse, terwijl Fred al jaren geleden is overgestapt naar de compound-klasse. Hij heeft speciaal hiervoor dan ook een aantal maanden getraind met de recurve boog om zijn huid zo duur mogelijk te verkopen: hij wil tenslotte nog graag een aantal jaren langer de keizer van de club blijven. Maar er is meer. Het duel op deze vrijdagavond is eigenlijk ook het duel tussen de meester (Fred) en de leerling (Xander). Fred is voor Xander zijn grote voorbeeld, trainen ook veel samen. Fred behoorde jarenlang tot de absolute top van Nederland, heeft ook deelgenomen aan de olympische spelen, maar hij is de laatste tijd wel wat minder actief. Dus, het kon alle kanten op.


Voordat de wedstrijd begint mogen ze ieder 5 pijlen schieten om ‘warm te draaien’. Dan kunnen ook hun adjudanten warmdraaien. Zij zullen daarna 25 keer op en neer naar het blazoen lopen om de pijlen weer terug te brengen naar de schutters. Zij houden ook de score bij.


Dan is het zover, de wedstrijd begint. Het publiek wordt stiller. Hun beide eerste pijl zit meteen in de roos, dat is 10 punten. Maar dan stokt het al meteen bij Xander. Hij scoort daarna 5 keer een ‘8’, en staat na 10 pijlen al op een bijna ‘onoverbrugbare’ afstand.


“Puur zenuwen”, zegt Peter Buijsen, de clubkampioen van 2007 en aandachtig toeschouwer. “Hij maakt dit voor de eerste keer mee, speelt ook nog eens tegen zijn grote voorbeeld. Neem daarbij de ambiance, dan is er toch de druk die hij voelt. Hij speelt daarom ook onder zijn kunnen.”


Xander loopt de gehele wedstrijd achter de feiten aan, en bij ‘pijl 20’ is de wedstrijd eigenlijk over en uit. Hij scoort 0 punten die beurt: Fred blijft de keizer, hij wint met 233-217. Dat ook hij het zwaar heeft gehad blijkt wel uit zijn reactie na afloop. “Dit is spannender dan een wereldkampioenschap!” zegt hij lachend, ondertussen de felicitaties in ontvangst nemend.

 

Fred heeft zijn keizerschap voor tenminste drie jaar verlengt. En terecht, gezien het wedstrijdverloop!

 



EERDSE KRANT - 5 mei 2011


Eerde beleeft een ‘actieve’ Koninginnedag en -nacht!


Try before you die: paalzitten

 

Naast de gebruikelijke middag- en ochtendspelen, een fietstocht en de lampionnenoptocht op Koninginnedag, en dit jaar ook een concert van Tribute to the Catsband, was er in de Koninginnenacht ook al iets te doen: paalzitten. Tip van een redacteur met ervaring als paalzitter: je moet dit eens in je leven gedaan hebben!


 Op Koninginnedag, om 13:41 uur, rolt het volgende politiebericht binnen op de redactie van deze krant: Rustige Koninginnenacht. Regio - In de hele regio waren diverse evenementen, binnen en buiten, in verband met Koninginnenacht. Deze zijn allemaal erg rustig en ordelijk verlopen. In Schijndel is een 40-jarige man uit Schijndel aangehouden voor mishandeling van een 37-jarige man uit Schijndel. In ‘s-Hertogenbosch werden twee Bosschenaren, 20 en 21 jaar, aangehouden voor mishandeling van een 20-jarige man uit Vught. Diverse mensen werden, verspreid door de regio, bekeurd voor het rijden onder invloed van alcohol.


Rustige Koninginnenacht? Niet hier in Eerde dan toch! Voor het eerst viel er in de Koninginnenacht ook iets te beleven in d’Eerd. Een aantal mensen besloot om samen met Edwin Gordijn van De Driesprong een paalzitwedstrijd te organiseren. Men neme 6 palen, een mastercaller, een leuk geldbedrag voor de winnaar, een geoliede organisatie en… paalzitten maar. Helaas viel de bezettingsgraad wel wat tegen voor deze primeur. Slechts vijf palen waren bezet, waarvan er twee al na een paar uurtjes geen eigenaar meer hadden.


Wie waagden deze ‘sprong in het duister’? Eric (de Prins) Gloudemans, Erwin (de Vorst) Janssen, Edwin Gordijn, Theo van der Linden en uw redacteur. Het is vrijdag 29 april, klokslag 20:15 uur: het is begonnen!


Mastercaller Eric van Houtum heet alle deelnemers welkom en hij zal regelmatig met interviews, achtergrondinformatie (wanneer bijvoorbeeld de bitterballen klaar zijn) de aanwezigen op de hoogte houden. De frequentie van ‘regelmatig’ lijkt in de loop van de avond/nacht wel wat minder te worden. Terwijl iedereen denkt dat de mastercaller naar bed is gegaan, schallen plots de woorden ‘hoe gaat het met de oude, trouwe paalzitters?’ weer door de luidsprekers. Hij sluit na deze nieuwsflits steevast af met ‘na de break zijn we weer terug’.


Terug kwamen niet meer Eric en Erwin na de eerste break. Zij hadden een feestje en lieten om 22:15 uur de overige deelnemers ‘alleen’. Gelukkig werden de opengevallen plaatsen ingevuld door ‘gastpaalzitters’. Dat was voor de deelnemers een welkome steun in dit ‘groot’ en ‘waar gaat dit avontuur eindigen?’. Er kwamen een hele rits aan ‘gastpaalzitters’ voorbij. Joey van Kronenburg, Mari van Gaalen, Maarten-Frank Smits, Paul van de Meerakker (die zich om precies 02:14 uur heeft ingeschreven voor de editie van volgend jaar!), Rob Fleskens, Rob van Paridon, Camiel Bekkers, Frits van der Velden, te veel om op te noemen. Maar ‘opper-gastpaalzitter’ was toch wel Wim van den Elsen. Die ging na de eerste break even als supporter op de paal zitten, maar is samen met de winnaar weer van de paal afgegaan. Chapeau! Uw redacteur zei tijdens de eerste break voor de grap tegen Wim dat als hij 10 jaar jonger was geweest, hij zeker had meegedaan. Oeps, vergissing. Hij hield het nu ook makkelijk vol, dus Wim zou wel eens een zeer geschikte kandidaat voor volgend jaar zijn. Talent, ook is hij al wat op leeftijd, heeft hij zeker!


Vanaf 21:13 uur zijn er lichtflitsen in de lucht te zien en dat voorspelde niet veel goeds. Een iemand in het publiek wist dat dit eraan zat te komen, namelijk Rob Fleskens. Hij had thuis de regendans gedaan om de omstandigheden wat moeilijker te maken, en hij kreeg nog gelijk ook. Niet veel later komt het met bakken uit de lucht vallen. Het heeft drie maanden niet geregend en dan uitgerekend op deze mooie avond giet het pijpenstelen. Dank je wel Rob! Het is even afzien voor de deelnemers. Maar één geluk: het blijft bij deze ene bui, de rest van de nacht en dag verloopt zonnig.


Om 05:18 uur beginnen de vogels te fluiten, een teken dat het licht gaat worden. Je kon ze duidelijk horen omdat vanaf 03:00 uur de muziek uit moest in De Driesprong en er werd overgaan naar ‘silent disco’. Iedereen kreeg een koptelefoon op en had ‘prive-muziek’ op zijn oren. Maar omdat velen daarbij lekker keihard mee gingen zingen, was van ‘silence’ niet altijd sprake.

 

Maar na uren dansen en gek doen slaat de vermoeidheid toe bij de toeschouwers. Uiteindelijk blijven er acht diehards over die de hele nacht hebben meegemaakt. Chapeau!


Om 05:32 uur zien we Leon van de Meerakker komen aanfietsen. Hij is om klokslag middernacht naar huis gegaan en moet nu weer gaan werken. Dirk ‘de stukadoor’ stapt ietsjes later wel rechtstreeks bij zijn collega in de bus om nog wat te gaan werken...


Om even na half acht zien we een aantal Eerdse wielrenners langs scheuren, richting Schijndel. De meeste hebben niet de noodzakelijke acht uur nachtrust gehad die toch wel vereist is om een fietstochtje van dik 100 km te rijden. Dan verschijnen ook al de eerste vrijwilligers ten tonele die beginnen met de ochtendspelen op te bouwen. Het aantal voertuigbewegingen naast het paalzitgebied stijgt ook weer. Je ziet de mensen al van ver denken: ze zitten er nog!? Vele verbaasde gezichten en reacties zijn de paalzitters dan ook ten dele gevallen. En uuh, je kunt ze eigenlijk ook geen ongelijk geven.


Rond de klok van 09:30 uur komt fanfare De Echo der Bergen met de schoolkinderen aan op het pleintje en kan Koninginnedag 2011 beginnen. Een mooi moment voor uw redacteur om na 13 uur te stoppen met paalzitten. Theo gaat nog even door tot 12:00 uur en is daardoor de terechte paalzitkampioen van d’Eerd!


Hiermee komt aan de eerste editie een einde. Opmerkelijk is dat geen van de paalzitters echt last heeft gehad van een zogenaamde ‘harde kont’ of rugpijn. Ook de volgende dag viel dat bij uw redacteur voor 100% mee. Wel een klein beetje stram, maar onder het mom van ‘we worden een dagje ouder’ kan dat ook aan de leeftijd liggen. Er stond die morgen echter wel een communieviering op het program, en na anderhalf uur in de kerk te hebben gezeten waren de eerdergenoemde verschijnselen (harde kont en rugpijn) wel voelbaar…

 



EERDSE KRANT - 19 mei 2011


Wanneer vindt het eerste jeu de boules kampioenschap plaats?


Franse taferelen in Eerde


Al ruim 10 jaar lang, elke vrijdagmiddag om klokslag 14:00 uur, wordt er een partijtje jeu de boules gespeeld op de twee jeu de boulesbanen bij Den Binnenhof. Bij slecht weer speelt men binnen koersbal, maar als de temperatuur het toelaat, zoals op deze vrijdag, dan speelt men in de buitenlucht. Wekelijks zijn er dan gemiddeld zo’n 10 tot 15 Eerdenaren lekker bezig met het mooie, en van origine Franse spel.


Normaal is Toon Verhoeven al om 13:30 uur aanwezig om de ‘wedstrijdarena’ op te bouwen. Dat houdt in: stoelen en tafels buiten zetten, de parasols erbij zetten zodat het publiek een beetje uit de zon op het ‘terras’ kan plaatsnemen, de koffertjes met ballen bij de banen neerleggen en, misschien wel het allerbelangrijkste, de scorebordjes bij de banen plaatsen. Maar Toon is vandaag niet aanwezig: hij is op vakantie. “Ze mogen doordeweeks niet meer op vakantie!”, grapt Frans van de Ven. Hij is wel paraat, hij doet altijd de ‘catering’. Wedstrijdleider Theo Vissers is er ook niet. Dit betekent dat iemand anders de score moet bijhouden.


“De meesten doen eigenlijk liever koersbal”, geeft Frans aan. “Ze moeten bij jeu de boules verder lopen, dat is vermoeiend. Daarbij waait het nu ook behoorlijk en er zijn er nu veel op vakantie.” Vandaar dat de opkomst niet groot is deze dag, slechts vijf personen zijn present. Máár, wel allemaal fanatiekelingen. Vooral Harrie van Dijk is bloedfanatiek. Omdat hij ‘s middags fit moet zijn om te spelen, doet hij het ‘s morgens altijd rustig aan. “Ik ben vanmorgen alleen even op en neer naar Veghel gefietst en ik heb het huis gepoetst, maar verder niets”, geeft hij aan.


Om een even aantal spelers te maken heeft uw redacteur zich vlug omgekleed en zijn jeu de boules-tenue aangetrokken. Er worden twee teams gemaakt van drie. Wie het eerst 13 punten heeft vergaard wint. De eerste partij gaat redelijk gelijk op, maar bij de tweede komt het dreamteam, bestaande uit Henk van der Burgt, Harrie van Dijk en Noud Vissers op stoom. Met een droge 13-0 staan Frans van de Ven, Martin Krol en uw redacteur weer met zes benen op de grond.


Dan is het tijd voor een rondje koffie en wordt er medegedeeld dat er nog nooit een team met 13-0 heeft verloren!


Dan de beslissende derde partij. Een paar keer is een meetlint nodig om de afstand te meten, het gaat er op het scherpst van de snede aan toe. Het wordt een spannende partij, maar het beste team wint, aldus Harrie. Na afloop wordt er nog wat nagekaart, met een glaasje fris of een biertje erbij. Jeu de boules is duidelijk geen gezapig spel, het is leuk om te doen. Of dat je nu 20, 40, 60 of 80 jaar oud bent, een klein beetje fanatiek en je beleeft er een hoop plezier aan. Iedereen mag op vrijdagmiddag mee komen spelen, zeggen de heren. Maar je moet wel tegen wat kritiek en verlies kunnen, zeggen ze lachend erbij.

 

Na Eerdse kampioenschappen in biljarten, Kwis van d’Eerd, tafelvoetbal, touwtrekken en paalzitten wordt het ook hoog tijd voor een d’Eerds kampioenschap in jeu de boules. Een eerste aanzet is inmiddels gegeven, de Eerdse Krant houdt u op de hoogte.

 

 


EERDSE KRANT - 26 mei 2011


Pastor Harrie Hamers viert 60-jarige priesterschap in Eerdse kerk


Bijzondere viering voor een bijzonder iemand


‘Unne gouwe vent’ is een echte Brabantse uitspraak. Dat zeg je over iemand omdat hij, bij wijze van spreken, een ‘hart van goud’ heeft. Pastor Harrie Hamers (l) is zo iemand. Zaterdagavond werd zijn 60-jarig priesterschap gevierd in de Eerdse kerk met een prachtige viering! Velen kwamen hem een hand geven.


Maar er was nog een jubilaris meer, want ook pastoor Jos Biemans (r) heeft een mijlpaal bereikt, hij is namelijk volgende week 50 jaar priester. Samen met Frans Zegers was hij de voorganger in een speciaal voor deze gelegenheid mooi aangeklede kerk.


Henk van der Burgt sprak namens het parochiebestuur de volgende woorden tot de beide pastoors: ‘Pastoor Hamers, Harrie. Namens het parochiebestuur en de hele Eerdse gemeenschap mag ik jou van harte proficiat wensen met dit 60-jarig priesterjubileum. Tot priestergewijd in 1951, nog in de tijd van het Rijke Roomse Leven met de nog volle kerken, via de hervormingen in de jaren zestig onder de vernieuwers Paus Johannes de 23e en bisschop Bekkers, naar de huidige tijd met een tekort aan priesters, het leeglopen van de kerk, de perikelen met de jong gewijde priesters en het terugdraaien van veel verworvenheden, onder andere inzet van talloze vrijwilligers. U hebt en maakt het nog allemaal mee en dat al 60 jaar lang.


20 jaar geleden ging je met emiraat, om het rustiger aan te gaan doen, en vertrok uit Geldrop en gelukkig voor ons kwam je toevalligerwijs in d’Eerd terecht. Van dat rustiger aandoen is niet veel terecht gekomen.


Je voelde zich hier al snel goed thuis en we kwamen je al gauw tegen met het carnaval, bij voetbalclub WEC, bij biljartclub ‘t Vrolijk Stootje, bij de dorpsraad, bij de ouderenbond, bij de Mariakapel en vooral toch bij de parochie.


Onze eerste ontmoeting, ik herinner me het nog goed, was tijdens het carnaval. Je nam daar volop aan deel. Je zei tegen me: ‘Jij lijkt me een verstandige vent (dat had hij toen al goed gezien). Wordt het hier in Eerde geaccepteerd dat ik, als priester, zo aan het carnavalsfeest mee doe?’ Ik antwoordde hem: “Ik weet zeker dat dit hier in d’Eerd geen enkel probleem is, we zijn wel wat gewend. Het zal zelfs gewaardeerd worden als je tezamen met ons dit feest viert”.


Je was nooit meer weg te denken tijdens het carnaval. Je deed mee aan de pronkzittingen en was een vast onderdeel in de optocht.


Een ander legendarische uitdrukking van jou aangaande je activiteiten bij WEC en ‘t Vrolijke Stootje: ‘Ik kan overal priester zijn, want ik hoor God meer vernoemen langs de lijn en rond het biljart dan in de kerk’.


Toen we omhoog zaten bij het plotseling overlijden van Pastoor Magis en later weer door het vertrek van pastoor Ludo Baeten, was jij het die de diensten hier draaiende hield en je had de vooruitziende blik om de talloze vrijwilligers te coachen, zodat ook bij het niet beschikbaar zijn van een priester alle vieringen doorgang konden vinden. Vooral de ernstig zieken hadden uw speciale aandacht. Ik kan daar persoonlijk over meepraten.


Helaas is hieraan door je attack plotseling een einde gekomen. Bijna alles waar je voor leefde, praten, lezen en schrijven, werd je ontnomen. Voorwaar een grote klap, niet allen voor ons, maar vooral voor je zelf. Iedereen was machteloos en leefde met je mee.


Daarom wordt dit 60-jarig jubileum bescheiden gevierd door een eredienst die u het meest lief is: de Eucharistieviering. Harrie, graag hadden we met u het 50-jarig jubileum nog een dunnetjes overgedaan, maar dat geweldige priesterfeest voor de gehele Eerdse gemeenschap m.m.v. alle verenigingen en met de daaropvolgende wereldreis naar de Eerdse missionarissen was toch niet te evenaren.


Harrie proficiat, bedankt dat je er voor ons bent! Je hebt in die zestig jaar priesterschap de hemel al meer dan verdient, maar je moet je niet haasten om er te komen.’


‘Dan in het kort pastoor Biemans, onze stand-in voor pastoor Jongeneelen. Pastoor Jos Biemans, volgende week is het 50 jaar geleden dat je tot priester bent gewijd. Namens het parochiebestuur en de gehele Eerdse gemeenschap feliciteer ik u hartelijk met dit gouden priesterjubileum. Jos, wij vinden het geweldig dat je vandaag, tezamen met Harrie, wilde voorgaan in de eucharistieviering. Ja, je moet iets over hebben voor je overbuurman. Meer nog vinden wij het geweldig dat je bij ons de eucharistievieringen kunt en wilt doen op momenten dat we daar behoefte aan hebben.


Dit was min of meer regulier in de periode dat pastor Jongeneelen was uitgeschakeld en meestal onverwachts bij uitvaartdiensten. Je sloot, naar eigen zeggen, vorig jaar een contract af voor 3 uitvaarten en het werden er 12.

 

Het is echter niet zozeer de waardering voor datgene wat je doet, maar vooral de manier waarop je het doet. Het spreekt de mensen erg aan en ook in de gesprekken voorafgaand aan een uitvaart vinden mensen steun in jou aanwezigheid en bemoediging. Ik hoor regelmatig mensen zeggen, en ik kan dat beamen, ‘wat is die pastoor een fijne man’.

 

Jos, bedankt voor al datgene wat je voor ons doet. We zijn je zeer erkentelijk. Wij wensen jou de komende weken zowel bij de Zusters in Veghel, in Dommelen en in Maarheeze fijne jubileumvieringen toe.’

 

Na afloop van de viering was er de gelegenheid om beide jubilarissen te feliciteren. Net als tijdens de viering zien we een ontroerde pastoor Harrie Hamers. Ook al is hij nu hier al een tijdje weg, zijn hart zal ook altijd een stukje voor Eerde kloppen.

 

Een bijzonder mooi gebaar van CV De Oivers, en dan met name De Hoge Raad. Gelijktijdig met de viering werd Erwin Janssen als nieuw lid binnengehaald bij De Hoge Raad, maar zij namen toch de moeite om pastoor Harrie Hamers ook te komen feliciteren. Pastoor Harrie Hamers bedankte op het einde alle mensen voor hun aanwezigheid, en ook het kerkkoor kreeg een speciale vermelding.

 



EERDSE KRANT - 26 mei 2011


Het Bankje


Op misschien wel het mooiste plekje in de Eerdse bossen staat een (houten) bankje, met uitzicht op een stuk heide, waar in de zomer Drentse heideschapen grazen. Omringd door bossen, fluitende vogels en de gezonde geur van boslucht dé ideale plek om, onder het genot van verse koffie met iets lekkers, een `Eerdenaar´ te interviewen over een (actueel) onderwerp.


Seniorenkoor De Bergzangers viert dit weekend hun 40-jarig bestaan. De gast deze keer op het bankje, Tien van de Ven (87), is het langste (maar ook het oudste) lid van deze zangvereniging, namelijk al 36 jaar. Naast het zingen zelf heeft ze ook negen jaar een bestuursfunctie bekleed bij De Bergzangers, als secretaris.

 

“In 1971 heeft Has Ploegmakers het zangkoor opgericht”, herinnert Tien zich. “Hij vroeg toen Cor Habraken, ‘unne gewone boerenjongen’, als dirigent. Maar het was in de beginjaren wat aansukkelen, tot dat Jan van de Pol en Johan Krol vroegen aan de Nijnselse pastoor om hier te komen dirigeren. Hij gaf ook les, dus dat was een hele vooruitgang. Toen hij na een jaar of acht, negen weg ging, wist wijlen Albert Marinus zijn neef Jo Coolen uit Deurne over te halen om ons vooruit te helpen. Coolen zei ‘ik wil jullie zes weken voorthelpen’, maar het werden er negen jaar! Door wind en wind kwam hij elke vrijdagmorgen naar d’Eerd om de groep beter te leren zingen. In die periode zijn hebben we ook voor de eerste keer ‘uit’ gezongen, bij onze 40-jarige bruiloft”, zegt Tien met een grote glimlach.

 

Dirigenten vormen een rode draad in de vereniging. Ze roemt vooral de kwaliteiten van Coolen, maar ook Tiny Habraken was een ‘fijne dirigent’. Nu heeft Harrie Hermkes uit Volkel de leiding over het 26-koppig koor.

 

Elke dinsdagmorgen is de repetitie van 11:00 tot 12:00 uur in Den Binnenhof. Tien zal geen repetitie overslaan. “Ik kijk op woensdag al uit naar dinsdag”, zegt ze.

 

Tijd voor nog een bakje koffie, maar Tien heeft de eerste nog niet op. Daar heeft ze geen tijd voor. Een bokkenpootje gaat er wel in.

 

Ze vertelt vol passie weer verder over het zingen en het koor. De termen ‘mf-en’, ‘pp’s’ en ‘ff’s’ vliegen over tafel, dat is ‘zangtaal’. De Bergzangers treden nu regelmatig op, bijvoorbeeld bij een avondwake of een Heilige Mis. Heeft ze dan last van zenuwen? “Nee hoor”, zegt Tien. “Of dat ik nu voor 100 of voor 1000 mensen moet optreden, ik heb nergens geen last van. Sommige andere hebben dat wel, maar dan denk ik: waarom, waarvoor?”

 

Zingen is haar allergrootste hobby. Altijd al geweest. Op een gegeven moment was ze lid van drie koren tegelijk: het ouderenkoor, het gemengd koor en het Sint-Jozef koor. Vooral het op houden te bestaan van de laatste heeft haar pijn gedaan. “Veel Eerdenaren kwamen toen naar de kerk. Na afloop was er koffie in de zaal van het bejaardenhuis, het was er altijd gezellig. Maar toen het bejaardenhuis werd gesloopt, viel alles weg.”

 

Tien woont nu in Den Binnen, de repetities zijn in Den Binnenhof, ze zit dus mooi ‘kort bij het vuur’. Haar slotwoord zegt alles: “Als ik niet meer kan komen zingen, dan duurt het niet lang meer”.

 

Zondag aanstaande wordt het 40-jarig bestaan van De Bergzangers gevierd in Den Binnenhof. Iedereen is van harte uitgenodigd zondagmorgen om van 11:00 tot 13:00 uur het glas te komen heffen op deze mijlpaal.

 

 


EERDSE KRANT - 1 september 2011

 

Zevende editie wederom groot succes

 

Zonder vrijwilligers... geen KVW

 

De organisatie van KinderVakantieWerk (KVW) kan terugkijken op een geslaagde editie. Voor de zevende keer werd KVW georganiseerd.

 

Het thema dit jaar was ‘Op de camping’, en mede door het schitterend weer was het goed toeven voor de kinderen op de verschillende locaties. Echter, zonder vrijwilligers zou er geen KVW kunnen plaatsvinden. Een ‘leger’ van mensen staat klaar om er voor te zorgen dat de Eerdse schooljeugd drie dagen lang tijdens de laatste week van hun vakantie met veel plezier en vele leuke activiteiten kan doorbrengen. Of dat het nu gaat om het terrein mee op te bouwen of af te breken, of als leider van een groepje te fungeren, of om ‘frietgezin’ te zijn, tientallen mensen zijn op een of andere manier betrokken bij dit gebeuren. Twee van die vrijwilligers vallen op. Of beter: vallen niet op. Als de zon achter de wieken van de Eerdse molen verdwijnt en het buiten donker en wat killer wordt, dan begint hun taak. Het zijn Jan en Hans van Tiel. Zij zijn de nachtwakers. De gebroeders doen dit al een jaar of vijf, en ze vinden het leuk om te doen. Om een uur of acht komen ze op het terrein aan, kletsen nog wat bij met enkele organisatoren, en als dan iedereen naar huis gaat om te slapen, houden zij de wacht.

 

Dat kunnen ze heel goed, want ze hebben beide de dienstplicht vervuld. Jan: “Het is twee uur op, en dan twee uur af!” Dat is nu echte discipline. Niemand zal het dan ook maar in zijn hoofd halen om ook maar het idee te hebben om ’s nachts iets uit te vreten op het terrein, met deze twee ‘pitbullen in de uitkijktoren’. Waarom is die dienstplicht eigenlijk afgeschaft?

 

Ze slapen in de hoofdtent. Het bed waarin ze dat doen is wel apart te noemen. Een paar zitbankjes, die nogal wiebelachtig zijn, worden tegen elkaar aangeschoven en vormen de ‘lattenbodem’. Hans plaatst voor de zekerheid nog een extra bankje tegen de linkerzijkant aan, voor het geval dat... Aan de rechterzijde staat een paal. Op die bankjes wordt dan het luchtbed neergelegd. Die van Hans heeft een kussen, die van Jan niet. Dan nog een dekentje erbij en klaar is Kees. Heeft een van de heren nog een knuffel bij voor de nacht? “Nee”, zegt Hans, “Als wij onhèndig willen liggen, dan gooien we er wel een fiets bij!”


Het is woensdagavond, het is de tweede avond dat de heren blijven slapen. Aan bezoek geen gebrek deze avond. De sponsor van hun bedrijfsauto (die pal voor de ingang van de tent geparkeerd staat) komt ook even langs om ze een ‘hart onder riem te steken’. Hij heeft een fles Bruggse Zot uit... Brugge meegebracht. Een goudblond bier met een rijke schuimkraag en een fruitige aroma. De inhoud heeft niet de kans om lauw te worden. Hans heeft zijn eigen persoonlijk drankje bij: een flesje whisky. “Die pak ik altijd voor het slapen gaan, daar slaap je goed van”, geeft hij als uitleg. Jan daarentegen doet het die avond rustig aan met alcohol, hij heeft ‘een lichte verhoging’. Dan is het 00:45 uur, tijd om de luiken dicht te gooien.

 

Hans legt nog snel even een paar schijfjes komkommer op zijn ogen, dit om de wallen tegen te gaan... Daarna gaat de muziek én de feestverlichting uit, want Jan slaapt het liefst met het licht uit.

 

Om 06:15 uur gaat de wekker weer. Voor Hans dan. Hij gaat eerst nog een eindje wandelen alvorens hij weer gaat werken. Jan staat een uurtje later op. Dan meldt zich ook al iemand van de organisatie en kan dag 2 van de KVW 2011 beginnen. De kinderen hebben er geen benul van wat er op het terrein die avond en nacht zich allemaal heeft afgespeeld, als ze zich de volgende morgen weer melden. De organisatie weet dat wel. Hans en Jan hebben wederom puik vrijwilligerswerk afgeleverd!

 



EERDSE KRANT - 1 september 2011

 

Schop in de grond inbreidingsplan d’Eerdse Erven

 

Vorige week is er een begin gemaakt met het bouwrijp maken van het nieuwe inbreidingsplan d’Eerdse Erven, aan de noordkant van Eerde.

 

In totaal zullen er, over de looptijd van een zevental jaren, zo’n 65 huizen komen te staan, variërend van starterswoningen tot vrijstaande huizen. De firma Oldenkamp uit Oss neemt de ‘fundering van het plan’ voor haar rekening.


Dat betekent riolering aanleggen, op sommige plekken moeten oude rioolbuizen eruit worden gehaald en worden vervangen door nieuwe buizen en een gescheiden afvalwatersysteem aanleggen.


Ter hoogte van de Airbornestraat, eerst een doodlopend zijstraatje van de Bernard van Damstraat, moet de nieuwe riolering aan de oude worden gekoppeld. Dit is een secuur werkje, want zo moet er een stuk uit de laatste rioolput worden gekapt om de flauwe bocht mogelijk te kunnen maken naar de nieuwbouwwijk.

 

Verder is het oppassen geblazen met de vele leidingen die er lopen. Zo was er al een klein gaslekje te bespeuren en dat betekent voorzichtig met de kraan manoeuvreren om de sleuf te graven voor de nieuwe betonnen rioolbuizen.

 

Maar met Roy van Eggelen (foto, links) die ook de kraan bestuurt en grondwerkers Hemmie Jurjus (foto, rechts), Martijn van Bakel en leerling Nick ‘Stivako’, zal deze klus vakkundig worden geklaard. De verwachting is dat het ‘wroeten in de grond’ nog zo’n 10 weken gaat duren.

 

Af en toe krijgen de heren assistentie van andere bedrijven, zoals in dit geval van het Eerdse bedrijf Gebr. Van Rijbroek die met een loader de betonnen buizen alvast klaar legt voor gebruik (op de foto, op de achtergrond). De chauffeur van dienst op die loader wilde ook wel (héééél) graag op de foto. Misschien wel iets te graag, maar bij deze is zijn verzoek ingewilligd.

 

De foto is op maandag gemaakt, maar op dinsdag werd de chauffeur én (vooral) de loader al gemist, omdat tijdens het lossen een stapel grote pvc-buizen ietsjes eerder in aanraking met de grond kwamen dan de bedoeling was. Dit lossen gebeurde met de kraan, maar eigenlijk was dit klusje bij uitstek geschikt voor een loader, zo vertelde de heren aan uw redacteur. Gelukkig raakte er niemand gewond.




EERDSE KRANT - 8 september 2011

 

Het Bankje

 

Op misschien wel het mooiste plekje in de Eerdse bossen staat een (houten) bankje, met uitzicht op een stuk heide, waar in de zomer Drentse heideschapen grazen. Omringd door bossen, fluitende vogels en de gezonde geur van boslucht dé ideale plek om, onder het genot van verse koffie met iets lekkers, een `Eerdenaar´ te interviewen over een (actueel) onderwerp.

 

Op 1 september jl. is het 25 jaar geleden dat Marietje van den Berg (70) werd gevraagd door de voorzitter van het kerkbestuur om koster te worden. Zij is deze keer te gast op een zonovergoten bankje.


“Het was net in die tijd dat pastoor Kemps er mee stopte. Jas van Houtum was weliswaar een ‘bietje’ koster, maar omdat pastoor Kemps veelal alles zelf deed had men toch een probleem. Ik zat toen vaak op woensdagavond in de kerk, toen was er nog een mis op de woensdag, en toen kwam de voorzitter van het kerkbestuur, Theo Braam, mij vragen of dat ik koster wilde worden. Ik zei: dat is goed, en zo is het gekomen. Ik heb geen les of zoiets gekregen. Ik heb in de loop van de jaren van de verschillende pastors die we gehad hebben het een en ander opgestoken en geleerd en goed samen gewerkt. Maar, ik houd altijd wel een bepaalde afstand tot hun, zo zeg ik altijd ‘meneer pastoor’. Dat hoort zo, vind ik.”

 

En zo is Marietje al 25 jaar lang een keer of twee, drie en soms zelfs vaker in de week in de kerk te vinden. “Bij het klaarmaken van de kerk ga ik altijd systematisch te werk. Eerst dit doen, dan dat, zo vergeet ik niets. De periode rond Pasen, de Goede Week, is het drukst. Je hebt Witte Donderdag, Goede Vrijdag, Paaszaterdag en -zondag. Dan begin ik bijvoorbeeld ’s morgens om negen uur, en dan is rond de klok van twaalf uur alles in orde voor de volgende mis. Tussendoor natuurlijk wel even tijd voor een kopje thee, maar daarna weer vlug aan het werk. Ook bij een begrafenis komt veel kijken. Ik doe die meestal zelf. Het is heel precies werken. Je hebt respect voor de overledene en dan moet je secuur te werk gaan. Iemand zei ooit eens tegen me dat ze nooit bij mij zou kunnen samenwerken, want jij bent veel te secuur.”

 

Op het bankje is het ook tijd voor nog een kopje thee, want Marietje mag geen koffie meer.

 

Als Marietje in de kerk is, dan doet ze altijd de deur op slot. “Bernard Mobers zei 25 jaar geleden tegen me om de deur altijd op slot te doen als je in de kerk bent. Daar heeft hij gelijk in. Je weet dat er nu niemand zomaar in de kerk kan komen en het geeft daarbij een veilig gevoel.”

 

Toch heeft Marietje een keer een ‘angstig’ moment meegemaakt. “Eén keer in de week moet de godslamp bijgevuld worden. Met een touw haal je die dan naar beneden om dit te kunnen doen. Maar wat gebeurde er: het touw bleek rot te zijn en knakte. ‘Boem’, ging het toen. De lamp knalde boven op mijn hoofd. Ik denk dat ik zeker vijf minuten knock-out op de grond heb gelegen. Gelukkig had ik een telefoon bij me en heb ik Bernard kunnen bellen. Het heeft nog lang zeer gedaan”, zegt ze terwijl de pijn en de schrik nog op haar aangezicht is af te lezen.

 

De thee wordt koud, Marietje vertelt bevlogen over het ‘kostervak’. Ze kan, zonder iemand te kort te willen doen, gerust de spil in het kerkgebeuren rondom een viering hier in Eerde worden genoemd. “Ik doe het ook heel graag”, geeft ze aan. “Vroeger moest ik elke zondagmorgen een uur lopen om naar de kerk te gaan. We woonden bij ons thuis tussen Veghel en Keldonk, dus dat was elke week een behoorlijk eindje wandelen, en dat bij weer of geen weer. We kregen een pepermuntje mee voor onderweg, dat was alles. Misschien is dat de basis geweest wat ik nu doe.” Ze zegt dan ook dat ‘we rijk zijn met dit geloof’.

 

“Als er hier in Eerde op zondag geen viering is dan ga ik altijd naar Veghel naar de kerk. Ik moét van mezelf op zondag naar de kerk. Maar ik kijk dan ook met ‘kosters-ogen’ naar zo’n viering, ik vind het ook interessesant hoe zij het doen. Laatst was ik in Olland bij een trouwviering van een neef, en daar stond de microfoon te ver van de spreker af. Dan komt het niet goed over, op dat soort dingen let ik op dan.”

 

Ze doet naast het kosterschap nog veel meer, zoals zich inzetten voor een reeks aan goede doelen. Zo gaat ze langs de deur voor de Eerdse missionarissen, Vastenakte, Kankerbestrijding, Epilepsie en het Rode Kruis. Heeft ze nog tijd over voor hobby’s? “Ja hoor, ik lees zo’n drie boeken in de week, ik ga graag fietsen, voor een mooi EO-programma blijf ik thuis én natuurlijk onze kleinkinderen.

 

Dan een prikkelende vraag: is koster een uitstervend ras? “Nee hoor”, zegt ze stellig, “we zijn hier in Eerde met z’n zessen, dat gaat hartstikke goed.”

 

Uw redacteur heeft de grootste moeite om Marietje bij te houden met schrijven, ze vertelt honderduit. Op de laatste vraag om een leuke anekdote te vertellen valt ze stil. Maar er gebeurt toch iets grappigs. Niet door Marietje zelf, maar door manlief Tonnie. Op het moment dat het interview eigenlijk klaar is, het schrijfgerei al is ingepakt, komt plots haar man Tonnie langsgefietst. Marietje verbaast: “Haha, hij moest even naar Schijndel en hij komt volgens mij nu express hierlangs om denk ik even te ‘controleren’. Tonnie lacht en fiets rustig door. Marietje pakt twee tellen later ook haar fiets, en éénmaal raden wat haar bestemming is.


 


EERDSE KRANT - 15 september 2011

 

Het Bankje

 

Op misschien wel het mooiste plekje in de Eerdse bossen staat een (houten) bankje, met uitzicht op een stuk heide, waar in de zomer Drentse heideschapen grazen. Omringd door bossen, fluitende vogels en de gezonde geur van boslucht dé ideale plek om, onder het genot van verse koffie met iets lekkers, een `Eerdenaar´ te interviewen over een (actueel) onderwerp.

 

‘Mission impossible’, moet Jozef van Riel ruim tien jaar geleden gedacht hebben, toen hij de vraag kreeg om de St. Antonius molen te laten restaureren. Die vraag kreeg hij van Bertus van Berkel (48), deze keer te gast op Het Bankje. “Dat lukt nooit, zei hij toen, maar de familie van Riel wilde wel meewerken”, herinnert Bertus zich als de dag van gisteren.

 

Bertus werd een kleine drie jaar geleden gevraagd om voorzitter te worden van Stichting Eerdse Molen, dit nadat Jan Ploegmakers te kennen had gegeven de voorzittershamer neer te leggen. “Ik ben er trots op dat ik als voorzitter gevraagd ben!”

 

En zo is eigenlijk de cirkel weer rond, want Bertus stond aan de wieg van het oprichten van de stichting en uiteindelijk de restauratie van de molen. “Ik was ruim tien geleden de voorzitter van de dorpsraad en ik had zeven projecten, zeg maar zeven dromen, die ik hier in Eerde gerealiseerd wilde hebben. Een gerestaureerde molen was er één van. Ik ben toen een aantal mensen bij elkaar gaan zoeken waarvan ik dacht dat die het konden bewerkstelligen om de molen weer in zijn oude staat terug te brengen. Binnen een maand was alles rond en was de Stichting Eerdse Molen een feit. Jan Ploegmakers werd de voorzitter, hij heeft vele connecties en contacten. Elize Janssen werd secretaris, zij is goed in communicatie. Dennis Hoefnagel werd penningmeester, hij is een kei in financiën. Henk Biemans en Bart van Geffen hebben veel bouwkennis en Wim van Riel is de man van de historie van de molen en de lijn naar de familie Van Riel. En het mooie is dat ze nu nog steeds allemaal in het bestuur zitten, op Jan na natuurlijk.”

 

Hoe omschrijft hij het bestuur? Bertus: “Als gezonde tegenpolen. Het is een moeilijke klus om het bij elkaar te houden, omdat het ook zo’n ingewikkeld traject is. Ik heb nog een leuke anekdote over hoe Jan Ploegmakers altijd een discussie waar geen einde aan kwam, altijd op zijn geheel eigen wijze beëindigde. Hij ging dan staan, zwaaide wat met zijn armen en riep: ‘We stoppen ermee en we slapen er nog een nachtje over!’ Maar, ik denk dat tien jaar geleden op het juiste moment het de juiste mensen waren om hiermee aan de slag te gaan. Nu zal dat niet meer lukken, daar ben ik 100% van overtuigd. Ik heb er ook altijd in geloofd. Het heeft zo moeten zijn.”

 

We schenken de kopjes nog een keer vol met koffie en genieten ondertussen van een in bloei staande heide met al die paarse kleuren op deze mooie zomerse dag in de Eerdse bossen. Het is overigens geen goed ‘molenweer’: het is... windstil.

 

Bertus dacht in eerste instantie dat de restauratie in vijf jaar wel zou kunnen worden gerealiseerd. Maar toen bleek dat de financiën niet rond kwamen werd er geadviseerd om eerst de molen te kopen, zodat ze meer kans zouden maken om voor subsidies en dergelijke in aanmerkingen te komen. “Subsidies krijgen betekent wel dat je alles tien keer moet verantwoorden. Je bent dan ook verplicht om op meerdere plaatsen offertes aan te vragen, we moeten als stichting alles kunnen verantwoorden. Daar gaat veel tijd in zitten. Je moet ook de factor geduld daarbij niet vergeten.”

 

Het heeft daarom ook wat langer geduurd als Bertus vooraf gedacht had, namelijk niet vijf, maar tien jaar. Dat is een hele lange tijd. Maar, om met de woorden van oud-voorzitter Jan Ploegmakers te spreken: ‘je moet geduld hebben, maar je zult ervoor beloond worden’, is het toch gelukt om de molen te restaureren en een belangrijk gebouw vol met historie voor de toekomst hier in Eerde te bewaren.

 

Tien jaar ‘onderweg’ zijn met het herstellen van de Eerdse molen gaat niet zonder slag of stoot. Twee pijnpunten wil Bertus eruit lichten. “Bij de restauratie wil je zoveel mogelijk bedrijven uit Eerde erbij betrekken, en dat is niet altijd gelukt. Het tweede is dat Aad en Hella Lelieveld uit de festiviteitencommissie Opening St. Antonius Molen Eerde zijn gestapt. De laatste is toch wel het moeilijkste moment voor mij persoonlijk.”

 

Bertus noemt één woord wat hij als het ‘mooiste moment’ wil aanwijzen: vrijwilligers. “Het is onbetaalbaar hoeveel uren de vele vrijwilligers erin hebben gestoken in de restauratie. De bereidheid om mee te helpen, allemaal met één doel, daar krijg je veel waardering voor. Daarnaast natuurlijk ook de vele sponsors die, met welk bedrag dan ook, de restauratie financieel hebben ondersteund.”

 

“Maar”, zo zegt hij daarna, “we hebben het plaatje nog niet rond. We moeten inkomsten genereren en op een gezonde basis de exploitatie rond krijgen. We horen als stichting veelvuldig ‘wat gaan jullie doen na de opening?’. We hebben een paar suggesties waardoor er geld kan binnenkomen, zoals: wat gaan we met de ruimtes doen, een actie om ‘vriend van de molen’ te worden en bijvoorbeeld rondleidingen voor de schooljeugd. Dit zijn zomaar enkele ideeën. Maar we krijgen nul subsidie, laat dat duidelijk zijn. We moeten onze eigen broek ophouden. Ik heb daarom nu ook geen last van ‘de laatste loodjes’, ik zie de opening eerder als een nieuw begin.”

 

Ter afsluiting naar de dag van overmorgen, de officiële opening en naar het feestweekend. Bertus: “Het zal een mooi maar emotioneel moment worden en... we hebben Jozef van Riel een eer bewezen.




EERDSE KRANT - 22 september 2011

 

St. Antoniusmolen officieel geopend

 

De St. Antoniusmolen is zaterdag officieel geopend. Commissaris van de Koningin Wim van de Donk, burgemeester van Veghel Ina Adema, oorlogsveteranen Bobby Hunter en John Primerano en Edwin Nolan namens de Amerikaanse ambassade, verrichten de openingshandeling: met vereende krachten lieten zij, door aan een lang touw te trekken, de wieken weer draaien.

 

Na 67 jaar, en 10 jaar na de oprichting van de Stichting Eerdse Molen om het plan om de molen te gaan restaureren, is de ‘skyline van Eerde’ weer in ere herstelt. Tijdens zijn toespraak in de feesttent, een uur voordat de molen officieel werd geopend, sprak voorzitter Bertus van Berkel van de Stichting Eerdse Molen dat ‘het bloed, zweet en tranen heeft gekost om de molen te restaureren.

 

Erelid en oud-voorzitter van de stichting, Jan Ploegmakers, sprak op zijn geheel eigen wijze ook de genodigde toe. Hij zei: ‘Vraag maar in heel Nederland na, maar wij hebben de schônste molen van d’Eerd!’

 

Het resultaat mag er zeer zeker zijn. Samen met vele vrijwilligers, sponsoren en diverse instanties is een vervallen gebouw met een geschiedenis prachtig hersteld en voor het nageslacht bewaard gebleven.

 

Tijdens de open dag op zondag kon iedereen een kijkje komen nemen in de molen. Vooral de vijf muurschilderingen zijn een lust voor het oog. Uiterst gedetailleerd is te zien hoe de molen, en ook de Eerdse kerk, de oorlog hebben ‘overleefd’. Op de tweede verdieping is molenaar Erwin Janssen druk bezig met het malen van het graan. Honderden mensen klimmen de steile trappen op om met hun eigen ogen te zien hoe alles in zijn werk gaat.

 

Over een drietal dagen zijn de festiviteiten rond de opening van de molen uitgesmeerd. Maar eigenlijk was er ook al een soort van voorprogramma, want namelijk een dag eerder gebeurde er ook al heel iets speciaals in Eerde. Tonnie Peijnenburg moet zich een hoedje geschrokken hebben toen hij het gras aan het maaien was en het ineens zwart zag van de ooievaars rond hem heen. Dit gebeurde donderdag in de namiddag op een weiland gelegen tussen de Eerdsebaan en het spoor. “Ik ben het gras aan het maaien en waar ze vandaan komen, ik weet het niet, maar ineens zitten er heel veel ooievaars rondom de tractor”, zegt Tonnie, terwijl hij stopt met maaien en even uitstapt om uw redacteur te woord te staan. Dan stapt hij weer terug in zijn tractor en gaat hij weer verder.

 

Het is een prachtig schouwspel: een tractor die op en neer over het land rijdt tussen wel heel veel ooievaars. Schijnbaar maakt het niet uit voor de vogels dat er zo’n machine in de buurt rondrijdt, ze zijn maar met één iets bezig: zich tegoed doen van iets eetbaars, zoals insecten, sprinkhanen, kikkers en padden. De Eerdsebaan slipt dicht, niet gek als bij nader inzien de groep uit maar liefst 121 (!) ooievaars blijkt te bestaan. Er worden her en der wel eens groepen van 20, 30 of zelfs 40 stuks (in Vorstenbosch) gesignaleerd, maar 121? Nee, dit is ongekend. Dit komt vast in het Guinness book of Records te staan...

 

Uw verslaggever is ondertussen een ervaren `stork-chaser´, dus ditmaal gaat het er behoedzaam aan toe als het gaat om wat dichterbij de ooievaars te komen, dit om toch wel unieke foto’s te kunnen maken. Met in het achterhoofd nog het voorval wat er een jaar geleden is gebeurd, zie in de Eerdse Krant van 2 september 2010 of op www.eerdsekrant.nl/archief, wordt de telefoon alvast op ‘trillen’ gezet.

 

Dit is een verstandige beslissing achteraf, want gelegen in een sloot langs het weiland wordt uw redacteur regelmatig gebeld en gesms’t dat er ‘ergens’ ooievaars zouden zijn geland. Toch apart: van een tractor op twee meter afstand schrikken de ooievaars niet, maar van een mobieltje dat afgaat vliegen ze meteen weg?

 

Maar goed, ondertussen zit uw redacteur op een mooie plek en hij heeft alle ‘veiligheidsmaatregelen’ (met een witgestreepte blouse in de bosjes, dat wel) genomen. In de verte, aan de Eerdsebaan, is het een drukte van belang. Tientallen mensen staan te kijken, camera’s flitsen onophoudelijk en er ontstaat zelfs een heuse file op dit stuk Eerdsebaan. Normaliter staat die wat verderop richting de A50.

 

Maar dan, opeens uit de menigte, ziet uw redacteur iemand aan komen wandelen. Het is collega-journalist Riek Verberk van de Eerdse Klanken. Ook zij heeft dit nog nooit meegemaakt, dus ze ziet haar kans schoon om een paar unieke foto’s te maken van deze gebeurtenis. Geef haar eens ongelijk! Én meer dan 100 ooievaars én de gerestaureerde Eerdse molen samen in een shot gevangen, dat heeft ook de redactie van de Eerdse Klanken in haar ruim 40-jarig bestaan nog nooit meegemaakt. Ze loopt vastberaden over het weiland en schiet vervolgens haar plaatjes. Dit komt vast en zeker op de achterpagina bij de komende editie van de Eerdse Klanken, daar durft uw redacteur wel een meter d’Eerds molenbier om te verwedden... Maar ooievaars en Eerdse media is niet zo’n goede combinatie en even later gebeurd het onvermijdelijke: Riek komt misschien iets te dichtbij en de ooievaars vliegen weg. Riek maakt nog wat foto’s en loopt dan voldaan terug. De voldoening straalt van haar gezicht af na deze bijzondere fotoshoot. Ook een prachtig gezicht! De ooievaars zelf cirkelen nog wat rond, om vervolgens op grote hoogte en gebruik makend van thermiek hun tocht naar warmeren oorden voort te zetten. De rust keert weder op de Eerdsebaan, na een kwartier na vertrek van de trekvogels is alles weer normaal aan de noordkant van Eerde. Zoals gezegd een mooi ‘voorprogramma’ voor de opening.

 

Op vrijdagmorgen dan de officiële start van de festiviteiten. De kinderen van basisschool Petrus en Paulus kregen bezoek van molenaar Erwin Janssen en oorlogsveteraan Bobby Hunter. Na eerst een film over een korenmolen gezien te hebben krijgt Erwin, van meneer Martijn, een uur de tijd om zijn verhaal te doen over de molen. Erwin kijkt ietwat verbaasd de leraar aan en zegt: ‘Eén uur?’ ‘Als je dat lukt, de kinderen een uur stil te houden, dan moet je overwegen om een ander beroep te gaan kiezen’, zegt de meneer lachend tegen Erwin terug. Erwin kan gerust het onderwijs in, want de kinderen luisteren ademloos naar zijn verhaal en hebben vele vragen aan zowel de molenaar als aan Bobby Hunter. De kinderen zijn heel vindingrijk, want Justin van den Biggelaar bijvoorbeeld vraagt aan Bobby ofdat hij toen ook op de Heertveldseweg is geweest, en Xavi van Esch vraagt eerst met welk geweer hij geschoten heeft, en nadat Bobby heeft geantwoord, roept Xavi heel enthousiast: ‘Ik ken dat wapen, die heb ik ook op mijn Playstation!’ Als afsluiter krijgen de kinderen te horen dat elke klas een keer welkom is om de molen te komen bezoeken.

 

Een ander hoogtepunt in het weekend is natuurlijk de landing van parachutisten op de Veerse heide. Gelukkig kon er nu wel worden gesprongen. Twee jaar terug was laaghangende bewolking nog een spelbreker, nu was het beter ‘springweer’. Alhoewel, het waaide toch behoorlijk, het weer was niet helemaal perfect. Dat bleek wel toen de eerste groep van 6 parachutisten sprong en niet voor, maar achter de boerderij landde. Erwin Janssen was de eerste die sprong, maar ook Robert Hunter, de 48-jarige zoon van oorlogsveteraan Bobby Hunter maakte de sprong. Na de landing volgen emotionele momenten voor beide heren. Erwin, met het sjaaltje om zijn nek welke door Bobby Hunter 67 jaar geleden werd gedragen toen hij sprong, verteld zichtbaar geëmotioneerd van een hele speciale sprong, terwijl bij Robert Hunter de emoties nog verder oplopen na het zien van zijn vader. Hij heeft grote moeite om zijn tranen te bedwingen. Beelden zeggen soms meer dan woorden.

 

Naast het in standhouden van Nederlandse geschiedenis is de molen zeer zeker ook een onderdeel van onze bevrijding geweest. Twee redenen die het ‘bloed, zweet en tranen’ waard zijn.

 

 


EERDSE KRANT - 6 oktober 2011

 

Opvallende passage in column Schijndels Weekblad

 

Eerde door gemeentelijke herindeling bij Schijndel?

 

Vorige week stond er een opvallende passage in de column van Willem de Geest in het Schijndels Weekblad. Gebakken lucht of...

 

Pure (gratis) reclame voor Eerde afgelopen week in de column van Willem de Geest op de voorpagina van het Schijndels Weekblad. Daarin zegt hij onder andere dat Eerde een enorme bloei tegemoet zal kunnen zien, dit naar aanleiding van het neerstrijken van ruim 120 ooievaars een paar weken terug. ‘Eerde staat een babyboom van jewelste te wachten’, en ‘dat wordt bouwen in Eerde en winkels zullen floreren, verenigingen zullen groeien’ en zelfs Wijbosch zal profiteren van het babyfeest, doordat de plaatselijk voetbalclub WEC (Wijbosch Eerde Combinatie) veel ‘nieuw bloed krijgt en promoveert’. Mooie teksten!

 

Maar hij opent zijn column met de volgende zin: ‘Eerde gaat een mooie toekomst tegemoet omdat het naar alle waarschijnlijkheid weer in Schijndelse handen komt’.

 

Een toch wel, vanuit d’Eerds oogpunt gezien, zeer opvallende uitspraak. Nu is natuurlijk algemeen bekend dat wat er allemaal in columns geschreven wordt, je met een korreltje zout moet nemen, maar dit is toch niet iets wat je bij het typen van je column op de maandagochtend zomaar uit je duim zuigt. Toch? Zeker omdat deze ‘persoon’ (hij of een zij?) de reputatie heeft, of zegt dat over zichzelf, welingelicht in de Schijndelse politiek te zijn. Dus uw redacteur heeft het Schijndels Weekblad meteen opgebeld om een reactie van de columnist te krijgen, maar hij kreeg van een redacteur van de krant te horen dat de naam Willem de Geest een pseudoniem is en je niet met desbetreffende ‘persoon’ kunt communiceren of iets aan kunt vragen omdat anders de identiteit bekend zal worden. Flauw!

 

Die straat loopt dus dood. Dan maar het ambtelijke apparaat van Schijndel ingedoken. Eerst gevraagd aan wethouder Bart Eijkemans van de partij DORP-ABS of dat hij bekend is met dit ‘feit’. “Ik weet waarover je belt. Ik heb het stukje ook gelezen en het verbaasde me ook. We hebben het officieel nog nooit met Veghel over gehad om Eerde te annexeren”, zegt hij. “Wij hebben ook geen toenadering gezocht met Veghel hierover, we zijn wel met buurgemeenten Sint-Oedenrode en St. Michielsgestel in overleg voor samenwerking.”

 

Dat laatste is in gang gezet, en dat is in een raadsvergadering van de gemeente Schijndel op 7 juli jl. bekrachtigd. Het CDA wou zelfs nog een stapje verder en stelde voor ‘dat een gemeentelijke herindeling als samenwerkingsmodel niet geschuwd moet worden’. Nadat dit onderdeel werd geschrapt, werd de motie aangenomen.

 

Een gemeentelijke herindeling betekent meestal niet dat alles bij het oude zal blijven. Eens informeren bij de fractievoorzitter van de partij die met het hiervoor genoemde voorstel kwam, Betty van den Oetelaar-Roeffen. “Ik heb die column van De Geest niet gelezen, dus voor mij is dit nieuw. Het onderwerp zelf, een samengaan met de buurgemeenten Sint-Oedenrode of St. Michielsgestel, heeft al wel wat stof doen opwaaien hier in Schijndel.

 

Ofdat het logisch zou zijn, als Schijndel samen zou gaan met Sint-Oedenrode, om het ‘puntje Eerde’ mee te nemen, antwoord ze: “Dat zou kunnen, als de bevolking er beter van wordt, waarom niet. Maar dit zijn een paar stappen te ver”.

 

Ook even bij de gemeente Veghel navraag gedaan. Een woordvoerder laat weten ‘dat het geen item is wat betreft de gemeente Veghel en dat ze apetrots zijn op het dorp Eerde’.

 

Het grondgebied van wat nu de parochie Eerde is valt onder twee gemeenten: Veghel en Schijndel. Het dorp zelf valt onder de vlag van gemeente Veghel.

 

‘Herindeling en Eerde’ is niet iets wat uit de lucht komt vallen. In de achttiende eeuw is er namelijk al een geruzie over het rechtelijk toebehoren van Eerde, of aan Sint-Oedenrode, Schijndel of aan Veghel. Die ruzie schijnt tientallen jaren te hebben geduurd en nooit te zijn opgelost. In de vorige eeuw zijn er al verschillende pogingen gedaan om Eerde volledig bij een van de drie buurgemeentes onder te brengen. Dit duurde en duurde voort. Omdat de meeste inwoners op Veghels grondgebied wonen, het geografisch korter bij Veghel dan de ander dorpen ligt en Eerde het meest op Veghel is georiënteerd valt, na weer vijf jaar hierover te hebben gesproken, in 1966 uiteindelijk de beslissing dat Eerde een kerkdorp wordt in de gemeente Veghel.

 

Zijn er nu (begin)plannen om in de toekomst dit (weer) te veranderen?


 


EERDSE KRANT - 6 oktober 2011

 

Het Bankje

 

Op misschien wel het mooiste plekje in de Eerdse bossen staat een (houten) bankje, met uitzicht op een stuk heide, waar in de zomer Drentse heideschapen grazen. Omringd door bossen, fluitende vogels en de gezonde geur van boslucht dé ideale plek om, onder het genot van verse koffie met iets lekkers, een `Eerdenaar´ te interviewen over een (actueel) onderwerp.

 

Ze worden telkenmale vermeld in de intro van deze rubriek, maar iemand die regelmatig in de bossen te vinden is heeft ze de laatste twee jaar niet meer gezien. Maar zie, ineens lopen ze (vier stuks) weer te grazen op het heideveldje tegenover het bankje, ‘onze’ Drentse heideschapen. Hoogste tijd om hun ‘baas’, herder Erica van de Stadt (49), uit te nodigen.

 

Erica is geboren in Kaduna, die plaats ligt in Nigeria in Afrika. Hoe komt ze dan hier in Eerde terecht? Erica: “Mijn vader werkte veelal in het buitenland en op verschillende plaatsen hier in Nederland. Ik ben denk ik wel een keer of 15 verhuisd. Toen ik in Enschede woonden had ik al veel op met de natuur en dieren. Ik was veel met paarden bezig en zo. Toen ik later naar Delft verhuisde in 2002 en een border collie nam, bloeide de liefde voor schapen weer in me op. Het was echter niet simpel om in een stad een weide te vinden voor mijn schapen. Uiteindelijk vond ik een stuk grond voor de schapen om te grazen: het talud van de A4.”

 

Ze werkte op dat moment op de universiteit van Delft en leerde daar Eerdenaar Jan van Lieshout kennen, met wie ze wat later een it-bedrijf opstartte.

 

Toen ze in 2004 besloot om in Eerde te komen wonen samen met Jan, heeft ze de schapen, een vijftien in getal, meegenomen. “Ik was niet van plan om een kudde te beginnen, meer om het erbij te doen omdat het zo leuk is”, verteld ze nu. “Maar toen het Masterplan Vlagheide om de hoek kwam kijken, was het misschien wel een leuk idee om ook iets met een schaapskudde te gaan doen in het plan.”

 

Terwijl we de koffie nog een keer inschenken, wordt Erica constant in de gaten gehouden door twee ogen. Het zijn de ogen van Kaina, een van de twee border collies die haar meehelpt om de kudde te sturen. “Ze zijn gefokt voor het werk met de schapen, zonder zo’n hond kun je het schudden”, zegt ze stellig. “Kaina is al een oude dame, de andere hond Tynn heb ik thuisgelaten, die is nog jong en nog wat te onstuimig. Ik werk liever met een teef dan met een reu, want die kunnen niet zo goed tegen mijn ‘druk’ op.”

 

De hond laat mooi zien hoe ze samen met Erica, die commando’s (in het Engels) en met een soort fluitje aan haar doorgeeft, de vier schapen precies op hun plek houden. Al duurt dat uren, de hond is waakzaam en oplettend.

 

Ook opvallend is het moment toen Erica aankwam bij het bankje voor dit interview, de schapen al richting de afrastering kwamen gelopen omdat ze kennelijk haar stem herkennen.

 

Dan de prangende vraag waarom er al zolang geen schapen meer op het heideveldje hebben gelopen? “Staatsbosbeheer heeft de regie over dit project, welke zo’n vier, vijf jaar geleden is opgestart. Eerst liepen er meer schapen op dit gebied te grazen, maar Staatsbosbeheer vond dat dit ten koste van de heide ging, en heeft het stopgezet. We hebben nu besloten om het met een paar schapen een bepaalde tijd te proberen, en kijken hoe dit bevalt.” Positief nieuws dus. De omheining en de bordjes die aangeven dat het een begrazingsgebied is, staan er anders voor Jan met de korte achternaam.

 

Het heideveldje is maar een klein gebiedje, Erica zoekt dan ook naar uitbreiding: “Het hondensportveldje bijvoorbeeld zou ideaal zijn, het ligt tegen dit veldje aan en zo kun je met de schapen van het ene naar het andere gebied kunnen trekken. Maar er zijn nog meer veldje die in aanmerking zouden komen voor begrazing.”

 

De kudde bestaat nu uit zo’n 160 schapen, de meeste grazen langs de A50 op Schil en Punt, maar hoe ziet Erica de toekomst van hun schapen in de Eerdse Bergen? “Ons motto is: lokale zorg voor lokale natuur. We willen iets kleinschaligs in dit gebied. De kudde moet zichzelf kunnen bedruipen. Dit kan door het verkopen van lamsvlees en begrazing. We hebben nu ook het plan ingediend om een bezoekerscentrum, op de locatie van het ponyveldje aan de Schoolhuisweg, op te richten. Het moet een thuisbasis worden waar we bezoekers kunnen ontvangen, ook een plek voor activiteiten, zoals het schaapscheren en waar we exposities en workshops kunnen houden. De komende maanden zullen cruciaal zijn of dat dit doorgang kan vinden. Wij zijn positief, nu de gemeente nog.”




EERDSE KRANT - 20 oktober 2011

 

Niet alles is goud wat er blinkt

 

De wereld verkeert in een crisis. Sommige landen verkeren op het randje van een bankroet, elke dag moeten bedrijven hun deuren sluiten, de beurzen laten veelal rode cijfers zien en beleggen in aandelen levert op het moment bar weinig op.

 

In slechte tijden ‘vluchten’ vele beleggers daarom ook van beleggen in aandelen of opties naar beleggen in goud. Het is nu dan ook lucratief voor de bedrijven die goud inzamelen, om actief de markt op te gaan, zoals het bedrijf European Goldsmiths afgelopen dinsdag in Eerde deed. Van 11:00 tot 18:00 uur kon je in De Driesprong terecht om vrijblijvend je goud, maar ook zilver, te laten taxeren.

 

De taxateur van dienst deze dag is Sean Warren (foto). De naam klinkt Engels, en dat is hij ook. Warren is opgegroeid in Londen en heeft daar vanaf zijn schooltijd in een juwelierszaak gewerkt. Zodoende rolde hij dit vak binnen. Hij werkt nu in Utrecht, bij de Nederlandse vestiging van het van oorsprong Engels bedrijf.

 

Zijn Nederlandse collega heeft zich ziekgemeld, dus moet de Engelsman de honneurs waar nemen. Dat gaat niet zonder slag of stoot. Hij verstaat een heel klein beetje Nederlands, hij kent ook een paar Nederlandse woorden (‘only some dirty words off course’), en vraagt dan ook tegen de mensen die binnenkomen of dat ze Engels spreken. Niet echt ideaal natuurlijk, maar er was geen andere optie.

 

Gezeten achter een grote tafel ziet zijn ‘kantoor van deze dag’ er als volgt uit: een schaaltje om de sierraden in te leggen, een zeer nauwkeurig weegschaaltje, een loupe, een bureaulampje (eenzelfde type als filmstudio Pixar gebruikt) voor extra licht, een rekenmachientje, een tabel met de actuele goudprijzen en een klein houten doosje met flesjes. Het laatste is misschien wel het belangrijkste, want in elk flesje zit een goedje die hij op het aangeboden sieraad smeert en waaraan hij ondermeer kan zien met welk metaalsoort hij te maken heeft.

 

Zo kwam er bijvoorbeeld een echtpaar binnen die een trouwgordel bij zich had. Sean bekeek het, maar kwam al snel tot de conclusie, mede door er iets op te smeren, dat het hier ging om een sierraad dat niet uitsluitend uit zilver bestond, maar dat er ook nikkel in is verwerkt. Sean kon de man dan ook niet meer dan 90 euro bieden. Omdat de man geen woord Engels sprak, en Sean geen, of beter eigenlijk, bijna geen woord Nederlands, fungeerde uw redacteur als tolk tijdens dit gesprek... De man reageerde wel wat boos op het bod, omdat hij naar eigen zeggen er 26 jaar geleden in Irak maar liefst 1000 dollar voor had betaald. Op de vraag van uw verslaggever ofdat hij ondertussen een foto mocht maken, zei de man kort: “Nee, te gevaarlijk!” Na nog wat over en weer ‘gepraat’, stopte hij zijn sieraad terug in een plastic Wibra-tasje en beende weg. ‘Ik ga wel ergens anders naar toe’, mompelde hij nog wat na. Sean haalde zijn schouders op, hij kon er ook weinig anders van maken.

 

Echt druk wordt het niet, er hebben maar elf mensen de moeite genomen om langs te komen. In totaal is ‘de buit’ dan ook maar zo’n 13 gram goud. Sean noemt de opbrengst dan ook ‘thin’. Voor 1 gram 14-karaats goud krijg je bijna 22 euro. Tenminste, op deze dag. Vandaag kan die prijs al weer anders zijn. “De prijs van goud is weer ietsjes aan het dalen, een paar maanden terug kreeg je meer”, aldus Sean.

 

Na alles te hebben ingepakt vertrekt de 25-jarige Engelsman in een klein autootje, met het stuur aan de rechterkant, ietwat vermoeid ogend weer terug naar Utrecht. Ook in deze branche geldt: het is niet alles goud wat er blinkt.

 

 


                                                    EERDSE KRANT - 10 november 2011

 

                                                Raad van Elf doet ook dit jaar weer mee: nu met het winnende liedje?

 

                                      Carnavalskrakersfestival opent carnavalsjaar

 

                                             Zaterdag start het carnavalsseizoen hier in Eerde wederom met het Carnavalskrakersfestival, het                               

                                             liedjesfestijn dat voor de zevende maal plaatsvindt in café-zaal ’t Hooghuys en wordt

                                             georganiseerd door CV De Oivers.

 

                                      Een negental groepen doen weer een gooi om hét carnavalsnummer van de aankomende carnavalsperiode te worden. Ze zijn telkenmale al van de partij geweest, maar hebben nog nooit het winnende liedje voortgebracht: de Raad van Elf. Uw redacteur mocht een paar weken geleden een keer aanwezig zijn op een van hun repetitieavonden. Normaliter ten strengste verboden voor een buitenstaander, maar ditmaal werd, wel onder ‘strenge voorwaarden’, hier een uitzondering op gemaakt.

 

Zeg niet dat ze niet hun best ervoor doen om een keertje te winnen, maar het motto ‘meedoen is belangrijker dan winnen’ en ‘als het maar een gezellige avond is’, is voor de mannen toch belangrijker dan het competitie-element. Tenminste, dat geven ze zelf heel duidelijk aan. ‘We hoeven niet te winnen’, of ‘we gunnen het een ander ook’ en ‘we wíllen niet winnen’ zijn kreten die je hoort op de repetitieavond. ‘Want’, zo zeggen ze, ‘als we winnen, dan moeten we overal op receptie, gvd!’ Duidelijke taal.

 

Ze zijn al een paar keer bij elkaar geweest als uw redacteur ook mag aanschuiven, en ze hebben een liedje uitgekozen dat, nadat iedereen er is, een paar keer wordt geoefend. Toine Priester start het nummer op zijn laptop, en dan gaan de heren los. Het is prachtig om te zien. Op een donkere zondagavond, ergens in een barretje aan huis, een twaalftal heren (André van de Meerakker was er deze avond niet) die zich de longen uit hun lijf zingen, met als doel om het Carnavalskrakersfestival niét te winnen!

 

Na nog een keer te hebben gezongen is het pauze. De koffie wordt ingeruild voor iets anders. Jack Brus komt, zo tussen neus en lippen door, met nog een tweetal nummers aanzetten die hij geschreven heeft. “Ik heb misschien hier nog iets”, zegt hij bescheiden. De ‘diskjockey’ zet een van die nummers op, Jack zingt het mee en iedereen ‘in de zaal’ weet het: dit is hét win-nen-de lied! Het nummer wordt nog een aantal keer geoefend en het klinkt als een klok. Zonder een tipje van de sluier op te lichten, vooral de tekst op het einde van het nummer is spectaculair en nog nooit vertoond in carnavalsminnend Eerde!

 

Ze zijn er klaar voor om het Carnavalskrakerfestival te gaan winnen. De sterren staan gunstig. De mannen worden er meteen bloedfanatiek door. Ze voelen dat er meer dan bier alleen in het vat zit dit jaar.

 

Er kan van alles gezegd worden over de Raad van Elf, maar niet dat ze geen discipline hebben. Want na nog wat nageborreld te hebben gaat iedereen om klokslag 23:30 uur naar huis. Vermoedelijk wel met één verschil ten opzichte van al die andere jaren: de gedachte dat meedoen belangrijker is dan winnen telt nu even niet...




EERDSE KRANT - 24 november 2011

 

De ‘oudjes’ laten weer van zich horen

 

Tafelvoetballen op een ‘hellingsgraad van 12%’

 

Alle beste tafelvoetballers waren zaterdagavond present in café De Driesprong om uit te maken wie met de titel Eerds kampioen tafelvoetbal 2011 aan de haal zou gaan. Vorig jaar berichtte de Eerdse Krant dat de tijd was aangebroken dat de ‘oudjes’ en de ‘gevestigde orde’ een stapje terug moesten gaan doen. Maar dit is een iets te voorbarige conclusie, want ‘ze’ zijn weer terug. En hoe!


Vorig jaar was uw redacteur nog aandachtig toeschouwer van dit leuke en spannende evenement, dit jaar vormt hij met Henry van der Pol een koppel dat weliswaar kan bogen op veel tafelvoetbalervaring, maar dat is voor beide al wel van een hele poos geleden. Het kon dus vriezen of dooien hoe dit zou uitpakken tegen teams die elke week, of zeer regelmatig, de edele tafelvoetbalsport beoefenen.

 

Er waren twee poules van zes teams, en uiteraard zit uw redacteur en zijn compagnon in de poule des doods. Na afloop beweerde een koppel uit de andere poule dat hun poule die ‘eer’ zou mogen dragen, maar dit kan weggewuifd worden...


De eerste partij tegen het duo Daan van Rozendaal/Edwin Gordijn. Na twee keer met de ogen knipper staat het 6-1. In het tweede setje (degene die zes doelpunten maakt wint het setje) was het flink wat pech dat de boventoon voerde: dus verlies. Maar een gelijkspelletje was een mooi begin.

 

De uitgave van dit jaar kende een internationale bezetting, want er speelde ook een Portugees mee. Hij heeft eigenlijk vier namen, die Portugezen worden allemaal geboren met een ‘handvol’ namen, maar zijn roepnaam luidt Costa - dat stond ook achter op zijn shirt. Hij wist feilloos te vertellen dat Portugal de laatste drie ontmoetingen met Nederland heeft gewonnen. Dat wou hij wel vooraf even gezegd hebben: de toon is hiermee gezet... De Portugees Costa dus, 19 jaar geleden vetrokken uit zijn vaderland om aan dit tafelvoetbaltoernooi deel te nemen. Hij vormt een (gelegenheids)koppel met Cindy Verkuijlen, de tweede tegenstander in de poule. Door toedoen van zijn baas John Broks speelt de goedlachse Portugees (‘Ik hoor al anderhalf jaar lang verhalen over dit toernooi’) een keertje mee, en niet onverdienstelijk.

 

Pure onderschatting is toch wel de oorzaak dat Henry en uw redacteur het eerste setje verliezen. In de tweede set wordt er orde op zaken gesteld: dus weer een gelijkspel.

 

Dan de derde partij tegen de ‘oudjes’, Martin Verhagen en Eppo Ebbenn. Dit zou een eerste testcase worden, want die twee zijn lid van de ‘gevestigde orde’. De partij wordt gespeeld op ‘tafel 3’. Dat die tafel een eervolle vermelding krijgt in dit verslag valt te betwijfelen, omdat het speelveld dezelfde hellingsgraad heeft als het steilste stuk van de Cauberg. Kenners weten hoeveel procent dat is, dus voor goede voetballers is het bijna onmogelijk om een fatsoenlijk partij voetbal op de mat te leggen. Eén minpuntje in een verder goed georganiseerd toernooi. Maar met die ‘handicap’ werd het eerste setje wel met twee vingers in de neus gewonnen, hoe raar kan het lopen, maar het tweede door rommelige tegengoals, en natuurlijk door die ‘tafel 3’, verloren.

 

In de vierde partij moest dan toch eens gewonnen worden om bij de bovenste twee in de poule te eindigen. Het sterke duo Sander Verberk/Pim van den Boogaard werd met uitstekend spel de eerste set he-le-maal zoek gespeeld. In de tweede set wederom wat ongelukkig momenten en kon er wéér een gelijkspel op het scorebord worden ingevuld.

 

De laatste partij tegen het topkoppel Hans Verouden/Ruud van Gaalen. Na vier gelijke spelen werd de ongeslagen status behouden, want met 6-0 (!) en 6-4 werden de heren met duidelijke cijfers geklopt. Maar dit was echter niet voldoende om in de halve finale te geraken. Arnold ‘Terminator’ Schwarzenegger zei ooit eens in een film, met een zwaar Oostenrijks accent: I’ll be back. Dat zegt het nog steeds ongeslagen nieuwe topkoppel nu ook, met een zwaar d’Eerds accent: We will be back! De tegenstand is alvast gewaarschuwd het volgend jaar...

 

Hans en Ruud geraken, ondanks de pak slaag even daarvoor, wel bij de laatste vier. Hun opponenten zijn John Broks en Gerrie van Rijbroek. Maar kennelijk nog aangeslagen door de oorwassing worden ze door John en Gerrie op eenvoudige wijze naar huis gestuurd.

 

De andere halve finale gaat tussen Eppo en Martin en Rob van Paridon en Ramon van Erp. Op een schlemielige manier verliezen Eppo en Martin de beslissende derde set en krijgen we een finale die eigenlijk die naam niet mag dragen, want met twee snelle setjes winnen Gerrie en John (foto, links) wederom een kampioenschap. Slotconclusie: de ‘oudjes’ doen het nog best!

 

 


EERDSE KRANT - 1 december 2011


Steunpunt is belangrijk voor Eerde

 

Zomaar een maandagmiddag. Terwijl de schoolkinderen met hun neus in de schoolboeken zitten gedoken, is er bij de buren, in steunpunt Den Binnenhof, ook volop bedrijvigheid. In de grote ruimte wordt aan zitgym gedaan, in de kleine ruimte zit men te kaarten. Even binnen kijken.

 

Nee, lekker achter de geraniums gaan zitten omdat je oud bent gaat niet op bij al deze 55+’ers. Wie denkt dat als je die leeftijd gepasseerd bent, er weinig meer te beleven valt voor die doelgroep, komt bedrogen uit. Week in, week uit, al ruim 10 jaar lang, worden er in steunpunt Den Binnenhof vele activiteiten georganiseerd voor de ouderen. Voor alle ouderen uit Eerde welteverstaan. Of dat je nu om de hoek van het steunpunt woont, of ergens in het buitengebied, iedereen is welkom en zal met een glimlach worden begroet. De sfeer is dan ook gemoedelijk te noemen.

 

Nadat de zitgymgroep onder leiding van de sympathieke gymjuf Trudy na drie kwartier klaar is met de oefeningen, blijft iedereen nog even na voor een kopje koffie, thee of iets fris. Dan zie en hoor je hoe belangrijk dit steunpunt is voor Eerde. In een ongedwongen sfeer, iedereen laat iedereen in zijn waarde, lekker was bijkletsen over van alles en nog wat.

 

In de kleine ruimte wordt op een drietal tafels een kaartje gelegd, terwijl Wilhelmien de Koning en Christien Ketelaars deze middag zorgen voor een natje en een droogje. Zij zijn twee van de maar liefst 33 vrijwilligers die meehelpen om het steunpunt draaiende te houden. “We hebben een grote groep mensen die hier regelmatig komen, maar we nodigen ook graag mensen uit die nog nooit zijn geweest”, aldus Antoinette van de Laar, coördinator van het steunpunt. “We hebben veel te bieden”, vult Noud Vissers, voorzitter van de stichting steunpunt Den Binnenhof, aan. “Zo kijken we nu of dat er animo is om te gaan bridgen.”

 

Het opvallende tijdens deze middag is, dat er geen enkele man te bespeuren valt? Het biljart, waar overwegend toch mannen omheen lopen, staat er dan ook ongeroerd bij. “Er kan hier elke middag gebiljart worden als iemand dat wil”, zegt Antoinette. “Dus, wie zin heeft kan gewoon langskomen. Maar dat kan ook zonder dat je ergens aan meedoet, het is allemaal heel vrijblijvend.”

 

Tegenwoordig wordt vooral aan het financiële gedeelte gedacht, het sociale aspect is wat naar de achtergrond gedrongen. Dit geldt ook voor Den Binnenhof. Noud geeft aan dat de subsidiekraan wat dichter wordt gedraaid, wat dan weer betekent dat de tarieven per 1 januari ietsjes gaan stijgen. Dit is onontkoombaar, maar hoewel al verschillende sociale voorzieningen weg zijn uit Eerde, mag dit steunpunt gerust een blijvertje worden genoemd. Dat dit niet vanzelf gaat is duidelijk: elke week steken tientallen mensen hiervoor de handen uit de mouw. Hoed af!




EERDSE KRANT - 8 december 2011

 

Huwelijksaanzoek op tv!

 

Een niet alledaagse gebeurtenis vond op 31 oktober jl. plaats bij de familie Pawiroredjo. Hun dochter Janity kreeg een huwelijksaanzoek van haar vriend Onno Kruiskamp welke twee weken geleden op zaterdagavond in het RTL 4 televisieprogramma Let’s Get Married (bekeken door 1,6 miljoen kijkers!) te zien was (foto: RTL). Jammer genoeg winnen ze net niet en trouwen ze niet in de uitzending. Met nog een snotterneus en een natte zakdoek in de hand, gaat uw redacteur langs bij het spontane stel om hun (romantische) verhaal aan te horen.


Eerst even terug in de tijd, naar die bewuste laatste maandag in oktober. Uit het niets landt er op De Kuilen een helikopter langs het huis van de familie Pawiroredjo. Iedereen zit thuis rustig op de bank maar veert op (wie zou dat niet doen?) als ze een hoop kabaal horen en een heli zien landen. Commotie alom dus. Dan blijkt dat de moeder van Janity zogenaamd een rondvlucht heeft gewonnen. Ze mag iemand naar keuze meenemen en ‘toevalligerwijs’ wordt dat haar dochter Janity. Even later zitten moeder en dochter in de lucht, uitgezwaaid door Onno en familie.

 

Onno: “Wat Janity dan nog niet weet, is dat de vader van haar en ik hier twee dagen lang het weiland langs het huis hebben vrij gemaakt van hout en takken. Want vrijdags ervoor werden alle bomen gekapt die hier langs de weg staan. Het weiland waarop de helikopter zou gaan landen, lag bezaaid met kleine en grote takken. Dit stond dus niet in het draaiboek”, grapt Onno. “Paniek dus, maar we hebben het gelukkig gered. Er lagen natuurlijk nog wel een hoop bladeren in de wei, want toen de heli landde waaide al die bladeren zo de voortuin in van de overburen. Hadden ze net hun tuin ontdaan van vallende bladeren, lag het plots weer helemaal vol. Hahaha, sorry buren! Mijn schoonmoeder heeft ze daarom een dag later een cake gebracht, dit om de ‘pijn’ een beetje te verzachten. Een mooi gebaar.”

 

Onno stapt direct na het uitzwaaien zijn auto in en rijdt als een speer naar Vught. Hij heeft geen tijd te verliezen, hij heeft iets heel belangrijks te doen.

 

Janity: “We vliegen al een tijdje rond, heel leuk allemaal, tot de piloot plots boven Vught de helikopter aan de grond zet. Huh! Dit was bij... kasteel Maurick! Ik was natuurlijk helemaal in de wolken, want ik heb vaak gedroomd om in dit kasteel te trouwen. Onno en ik hebben het daar wel eens samen over gehad. Maar ik had toen nog helemaal niets in de gaten. Als ik even later, na een ritje in een prachtige witte koets met twee zwarte paarden ervoor, moet uitstappen, begin ik wel te twijfelen. Want wie zie ik in de verte op me staan wachten, aan het einde van een rode loper? Juist: Onno!”

 

Een snikkende Onno zegt dan tegen Janity dat hij zich geen leven kan voorstellen zonder haar, knielt, en vraagt dan of dat zij met hem wil trouwen. Janity kan nog net ‘ja, ik wil met je trouwen’ zeggen, barst vervolgens in tranen uit en vliegt Onno om zijn nek. Ze kan het niet geloven. ‘Is het echt waar?’ vraagt ze nog. Prachtige emotionele beelden levert het op. Snik! Meteen na het aanzoek, en nog aan het bij komen van de schrik, gaan ze door naar Rotterdam waar ze hun bruidskleding mogen uitzoeken.

 

Een paar weken later staan ze in Studio 11 in Baarn voor de opnames. Ze mogen 100 familieleden en vrienden meenemen om hen aan te moedigen. De opnames duren de hele dag en zelfs de grote mediamagnaat John de Mol kom even langs om wat tips en aanwijzingen te geven aan presentator Winston Gerschtanowitz. Uiteindelijk beslist de allerlaatste vraag welk koppel die dag nog trouwt en welk koppel niet. Die laatste vraag voor Onno en Janity is: Hoeveel procent van de bruiden was binnen een jaar na het huwelijk zwanger? Ze geven als antwoord 75%, waarna het andere koppel denkt dat dit aantal lager is. Het antwoord is 31%, lager dus, en dus wint het andere koppel. Jammer, jammer. “Dat was wel pijnlijk”, zegt Onno nu, “zo dicht erbij zijn, maar dan net niet. Maar we zijn bijzonder trots dat we uit 1000 aanmeldingen zijn gekozen om aan het programma mee te doen. We hebben er veel plezier aan beleeft en hebben vele leuke reactie mogen ontvangen.”


Blijft er nog één vraag over: wanneer gaan ze trouwen? “Op 2 juni 2012”, zegt Janity vol trots, “dat wordt ónze dag!”

 



EERDSE KRANT - 15 december 2011

 

Lego Pep Storms maakt indruk op FIRST LEGO League

 

De leerlingen die dit schooljaar in groep 8 zitten van basisschool Petrus en Paulus, hebben de primeur. Zij deden, onder de naam Lego Pep Storms, voor de eerste keer mee aan de regiofinale van de FIRST LEGO League (FLL). Een verslag uit een kolkend Fontys-gebouw in de lichtstad.

 

FLL is een wereldwijde wedstrijd waarin kinderen tot 15 jaar worden gestimuleerd in een wedstrijdachtige omgeving een robot te bouwen die een aantal taken uitvoert, gecombineerd met een project waaraan ze werken in de voor-ereiding. Elk jaar is er een ander thema verbonden aan de wedstrijd, dit jaar was dat hoe de kwaliteit van voedsel te verbeteren door manieren te vinden om voedselbesmetting te voorkomen.

 

De regiofinale vond afgelopen zaterdag in het Fontys-gebouw in Eindhoven plaats. 34 teams kregen een eigen ‘pit area’, een (te) kleine ruimte dat de gehele dag als ‘thuisbasis’ diende. Deze ‘area’ kon naar eigen wens worden ingericht, dit werd ook gejureerd. Meneer Martijn, de ‘hoofdcoach’, had iets heel origineels meegenomen: een privé-koffiezetapparaat. Altijd makkelijk toch, om d’Eerdse (of was het Zijtaartse?) koffie bij de hand te hebben.

 

De Lego Pep Storms hadden ook de Eerdse molen nagebouwd van Lego. Die stond als trotse middelpunt in de pit area te draaien en kreeg veel belangstelling. Een leerling maakte in de loop van de dag de opmerking dat deze ook meteen diende als airco, en dat was zeer scherp opgemerkt, want de temperatuur in het gedeelte waarin alle teams zich bevonden was subtropisch te noemen. Honderden kinderen en begeleiders liepen de hele dag kriskras door elkaar heen. Er is die dag dan ook van alles te zien en te beleven, zoals schakende robots, maar voor en tussen de wedstrijden door moest er natuurlijk ook nog aan de robot ’gesleuteld’ worden en werd er geoefend op een ‘trainingsbaan’.

 

Het is wat je noemt een heksenketel. Zo zit Siebe van den Oever bijvoorbeeld nogal onrustig achter de laptop om een instelling van de robot te wijzigen: die doet namelijk niet wat-ie behoort te doen. Meneer Martijn probeert wel de kalmte te bewaren en zegt: ‘Rustig, rustig, niet paniekerig doen!’ Ofdat Siebe die woorden heeft gehoord valt te betwijfelen, want hij roept meteen daarna, op een nogal... paniekerige toon, iets tegen zijn klasgenoten wat met de robot te maken heeft!

 

Gelukkig heeft de ‘hoofdcoach’ twee assistenten, Erica Ketelaars en Hans Verhagen. Zij staan hem bij op deze hectische maar bovenal spannende dag. Het episch centrum is toch wel de game-arena, waar de wedstrijden plaatsvinden. In tweeëneenhalf minuut moet de robot ‘Peppie’ een aantal taken uitvoeren die punten opleveren. Ieder team krijgt drie pogingen. Soms gaat het niet naar wens, maar bij de laatste poging gaan de jongens en meisjes van de Lego Pep Storms uit hun dak (foto). Ze scoren maar liefst 100 punten, wat een hele knappe prestatie is voor een debuterend team. Tevredenheid alom dus in het Eerdse kamp.

 

Slotconclusie is dan ook dat de eerste deelname aan FIRST LEGO League een geweldig succes is en een prachtige happening voor de kinderen. Het inschrijfformulier voor editie 2012 zal vast al ergens op het bureau van de meneer te vinden zijn...





Naar boven






JA!


Ik wil een abonnement

op de Eerdse Krant

Eerdse AGENDA

Aanmelden via: redactie@eerdsekrant.nl


21 september 2020

Verkoop Germamode/Buurtmiddag

Den Binnenhof

14:00 uur


24 september 2020

Dorpsraad Eerde -

Openbare vergadering 

De Brink Eerde

20:00 uur


26 september 2020

Eucharistieviering

Eerdse Kerk

19:00 uur


26, 27 en 28 september 2020

Toneelvereniging Eerde -

Boer Dumpt Vrouw

De Brink Eerde


28 september 2020

Bibliotheek

Den Binnenhof

10:30-11:30 uur


6 oktober 2020

CV De Oivers - Ophalen Oud Papier


12 oktober 2020

Bibliotheek

Den Binnenhof

10:30-11:30 uur


23, 24 en 25 oktober 2020

Theaterkoor Stem -

Vlucht naar de Vrijheid

De Brink Eerde

Aanvang 20:00 uur

(23 en 24 oktober)

Aanvang 16:00 uur (25 oktober))


Eerdse KRANT

De Stelling

Eerdse KRANT

Archief

Deze website maakt gebruik van cookies. Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies.

Accepteren